Newsweek

Hun vader was een iconische voorvechter van burgerrechten. Zelf vechten de kinderen van Martin Luther King ook. Niet voor de ‘vereniging van een onvolmaakte unie’, maar tegen elkaar. Al bijna tien jaar slepen de ruzies en rechtszaken over de nalatenschap van de dominee zich voort.

De rancuneuze geschillen tussen de nakomelingen van Martin Luther King – meestal over lucratieve deals om de woorden en de beeltenis van hun vader te mogen gebruiken – scheuren families uiteen. De brief van drie kantjes aan Bernice King was de zoveelste oorlogsverklaring.

Bernice King, directeur van de non-profitorganisatie die is vernoemd naar haar vader, de burgerrechtenicoon Martin Luther King, leidde het instituut nog maar negentien maanden en deed verwoede pogingen om het al jaren durende verval van de gebouwen en de reputatie te keren. Maar die oorlogszuchtige brief dreigde dat alles teniet te doen met wat neerkwam op een legitieme afpersing: als het bestuur van de organisatie Bernice King en twee andere directeuren niet aan de kant zette, zou het niet langer de naam, beeltenis of werken mogen gebruiken van de vermoorde leider. Het King Center mocht zich dan zelfs niet langer het King Center noemen. Het kwam erop neer dat de organisatie die Coretta Scott King, de moeder van Bernice, had gesticht, ophield te bestaan.

Wat het ultimatum van afgelopen augustus des te pijnlijker maakte, was dat het afkomstig was van twee bestuursleden van dezelfde non-profitorganisatie die nu met de ondergang werd bedreigd: Coretta’s zonen Dexter King en Martin Luther King III, de broers van Bernice.

Ruzies tussen de volwassen kinderen van een beroemd patriarch komen vaker voor, maar de giftige geschillen van het King-kroost – meestal over lucratieve deals over het gebruik van de woorden en de beeltenis van hun vader – scheuren families uiteen en verbreken vriendschappen die zijn ontstaan tijdens de heftigste perioden in de strijd van de burgerrechtenbeweging.

De over en weer aangespannen rechtszaken en beschuldigingen van immoreel gedrag en woekerhandel maakten naasten van de familie woedend, want zij zagen er alleen maar hebzucht in. Maar na bijna tien jaar van interne twisten vragen oude vrienden zich toch ook af of dit niet de tragische gevolgen zijn van de emotionele schade die de nakomelingen niet alleen van de moord op hun vader hebben geleden, maar ook van de moord op hun grootmoeder. Ook zijn ze bang dat de kinderen van een man die wordt vereerd als de apostel van de geweldloosheid bezwijken onder de door de buitenwereld gekoesterde hoge verwachting dat zij zijn zware taak zullen overnemen.

Misschien strijden ze ook wel om het behoud van Kings erfgoed, maar het gaat toch vooral om geld, geld, geld