New Statesman | Londen

De Tsjechische politicus 
Vit Jedlicka riep vorig jaar een onafhankelijk ministaatje uit op de grens van Kroatië en Servië. Intussen zijn er al bijna een half miljoen aanvragen voor het staatsburgerschap.

Toen Vit Jedlicka in de jaren tachtig opgroeide in Tsjecho-Slowakije, werd zijn vader van zijn kantoorbaan op het Instituut voor Maten en Gewichten overgeplaatst naar een baan als monteur, omdat hij door zijn weigering om lid te worden van de communistische partij bij de autoriteiten uit de gratie was geraakt. Na de Fluwelen Revolutie in 1989 ging het Jedlicka senior aanvankelijk voor de wind. Met zijn keten van benzinestations verwezenlijkte hij de kapitalistische droom, maar toen de centrale bank in 1997 bijna van de ene dag op de andere het rentepercentage verhoogde naar 25 procent en de Tsjechische economie daardoor verstikt raakte, ging het familiebedrijf bijna op de fles.

Zowel onder het communistische regime als daarna werd de vader zwaar benadeeld, en die ervaringen hebben diepe sporen nagelaten op Jedlicka junior. Hij ging de politiek in, maar verloor nooit zijn geloof in een beter systeem. In 2015 vestigde hij zijn eigen libertaire staat, Liberland, op een 800 hectare groot stukje niemandsland tussen Kroatië en Servië, waar de belastingen vrijwillig zijn, de wetten minimaal en de economie draait op een virtuele munt.

Anarchokapitalist

Het is nu veertien maanden geleden dat Jedlicka de vlag van de ‘Vrije republiek Liberland’ plantte in het moerasland langs de Donau en president van dat land werd. De staat is tot op heden nog door geen enkel land erkend en de stichter heeft twee keer in een Kroatische cel gezeten. Desalniettemin heeft Jedlicka, die nu 32 is, van Liberland een wereldwijd fenomeen gemaakt, met bijna een half miljoen aanvragen voor het staatsburgerschap – dagelijks komen er vijfhonderd aanvragen bij – en allerlei mensen die de natie financieel willen ondersteunen, variërend van internetondernemers tot participatiemaatschappijen.

Liberland lift mee op de internationale ontevredenheid met de overheid die zich zowel ter linker- als ter rechterzijde manifesteert, van Bernie Sanders, Jeremy Corbyn en Donald Trump tot bewegingen zoals Anonymous, de Tea Party en de Occupybeweging. Jedlicka beschrijft zichzelf als een ‘anarchokapitalist’, maar zijn ruimdenkendheid, zijn minachting voor de overheid en zijn milieuvriendelijke uitgangspunten hebben zowel in progressieve als in conservatieve hoek belangstelling gewekt.