Mail & Guardian | Johannesburg

Enos Mafokate (72) leerde paardrijden tijdens de apartheid en werd de eerste zwarte springruiter van Zuid-Afrika. Tegenwoordig runt hij een manege in Soweto, waar hij het stokje doorgeeft aan de jeugd.

Als kind brak Enos Mafokate takken af, en deed, na urenlang nauwgezet schuren, net alsof het paarden waren waarop hij over het erf reed. De herinnering aan de eerste keer dat hij op een echte pony reed staat onuitwisbaar in zijn geheugen gegrift. ‘Ik was een jaar of tien en ik zat op Dapur, onze ezel, om het vee binnen te halen, toen ik een blank jongetje op een pony tegenkwam.’

Ze wisselden wat onschuldige woorden, zonder zich te laten hinderen door de zeer reële beperkingen van die tijd; het was 1954 en apartheid regeerde. ‘Het blanke kind sprak me aan en zei dat hij nog nooit op een ezel had gereden en vroeg of hij op die van mij mocht.’

De jongens besloten te ruilen van dier. ‘Dat was lastig, want ik had geen idee wat ik met het hoofdstel en zadel aan moest. Maar die jongen hielp me, hij legde uit waar ik mijn voeten moest houden en hoe ik moest zitten.’

Zo zaten ze op elkaars dier toen de vader van het blanke kind op het toneel verscheen. Rood aangelopen van woede schreeuwde hij tegen Mafokate dat hij van de pony af moest en tegen zijn zoon zei hij: ‘My kind ry nie op ’n donkie van ’n swart man nie!’ [Mijn kind rijdt niet op de ezel van een zwarte!]

‘Het is heel erg moeilijk om een zwarte eigenaar te zijn, helemaal in de paardenwereld’