Le Monde | Parijs

Een maand na de couppoging in Turkije gaf president Erdogan een exclusief interview aan de Franse krant Le Monde. Hij verwijt zijn Europese en Amerikaanse partners een gebrek aan empathie en steun.

U hebt gezegd dat de westerse landen ‘partij hebben gekozen voor de putschisten en de terroristen’. Wat verwijt u hun?

‘Toen de couppoging gaande was, heeft een deel van westerse leiders me gebeld. Dat was ontoereikend. Het ging niet om zomaar een terroristische aanslag. Er waren 220 martelaren en 2200 gewonden. De hele wereld was verontwaardigd na de aanslag op Charlie Hebdo. Onze premier liep mee in de mars door de straten van Parijs. Ik had graag gezien dat de westerse leiders net zo hadden gereageerd op wat er in Turkije gebeurde en ze het niet bij wat gemeenplaatsen hadden gelaten om de couppoging te veroordelen. Of anders dat ze naar Turkije waren gekomen.

Wat het Westen heeft gedaan is in tegenspraak met de waarden waarvoor het zegt te staan. Het moet solidair zijn met Turkije, dat de democratische waarden van het Westen heeft overgenomen. Maar helaas heeft het de Turken in de steek gelaten. Het is niet aan de westerse landen om zich druk te maken over het aantal gearresteerde of de laan uitgestuurde personen. Een staat heeft het recht om zelf te bepalen welke ambtenaren worden aangenomen of ontslagen. Turkije heeft dit soort vragen nooit aan zijn westerse partners gesteld. Het is aan ons om te kiezen wie we houden en wie we de laan uitsturen. Iedereen moet zijn plaats kennen. We zijn nu verwikkeld in een strijd tegen coupplegers, tegen terroristen. Het Westen moet begrijpen voor welke uitdaging wij staan.’

‘In plaats van empathie toonden de westerse leiders daaraan juist een groot gebrek’