The New Republic | New York

Sinds de opmars van Donald Trump ontstaat onder de Amerikaanse elite steeds meer minachting voor de stem van het volk. Maar dat is exact de verkeerde reactie, betoogt filmmaker en activiste Astra Taylor.

Nog niet zo lang geleden leek iedereen de onstuimige herrijzenis van de democratie toe te juichen. De sociale media werden geroemd omdat ze de mensen dichter bij de politiek betrokken. Opiniemakers prezen ‘de wijsheid van de massa’ en de creativiteit van ‘de volksgeest’. De opkomst van de Occupybeweging en de Tea Party bracht van links tot rechts een opleving van politieke protesten op gang, die Amerika tientallen jaren niet had meegemaakt. We betraden een fascinerende, maar ook chaotische, nieuwe periode van politieke strijd – van demonstranten, hackers, klokkenluiders, relschoppers en radicale veranderingen in zowel de Republikeinse en Democratische politiek.

Maar in de afgelopen maanden blijkt het enthousiasme voor het oplaaien van het democratische vuur tanende. De massa krijgt al snel weer zijn vroegere plek terug: dat van het plebs. En zowel door links als rechts wordt de volksgeest steeds meer juist als een bedreiging van de democratie gezien.

Degenen die geen bezit hebben, geen man zijn, en niet blank, hebben er allemaal voor moeten vechten om bij de politiek te worden betrokken