Electo Cocuyo | Caracas

Het Venezuela van president Maduro is geen democratie meer, schrijft journalist Ángel Ruiz in een vlammend stuk. En het volk heeft het laten gebeuren.

Van het begin af aan heeft de zogenaamde ‘bolivariaanse revolutie’, oftewel het ‘socialisme van de eenentwintigste eeuw’, angst en haat gezaaid onder de bevolking, met als resultaat politieke discriminatie en een polarisatie die het Venezolaanse volk verdeeld houdt. Neem bijvoorbeeld de ‘lijst-Tascón’, die gebruikt werd om mensen in overheidsdienst te ontslaan of om openbare instellingen, beheerst door de PSUV (Socialistische Eenheidspartij van Venezuela), in de gelegenheid te stellen mensen te weren die geen lid waren van de regeringspartij, en meer recentelijk de vervolging die vanuit de regering door Nicolás Maduro werd ingesteld tegen mensen die een petitie hadden getekend voor een terugroepreferendum [een recht dat is verankerd in de grondwet, en dat de bevolking in staat stelt politici na de helft van hun mandaat terug te roepen].

Een ander kenmerk van de huidige regering is machtsmisbruik. Het inzetten van de rechterlijke macht als instrument voor politieke controle, gevoegd bij vervolging van politieke dissidenten, heeft gezorgd voor een groot aantal politieke gevangenen, die wreed behandeld worden en wier rechten worden geschonden.

Een tiran kan met geweld aan de macht komen (door een staatsgreep of een revolutie), maar ook door middel van democratische verkiezingen