Foreign Policy | Washington DC

De enige manier om de oorlog in Jemen te beëindigen, is om het land in tweeën te delen, schrijft Saoedi-Arabië- expert Simon Henderson.

Het beleid van Saoedi-Arabië ten opzichte van Jemen stoelt sinds lange tijd op paranoia. Eerst betrof het paranoia ten aanzien van de Jemenieten zelf, nu zijn het de Iraniërs. De Houthi-rebellen in Jemen worden afwisselend ‘geholpen’, ‘gesteund’ of ‘geregisseerd’ door Iran. Het is duidelijk dat de Houthi’s een directe bedreiging vormen voor de internationaal erkende Jemenitische regering van president Abdu Rabbo Mansur Hadi, die nauwe banden 
heeft met Saoedi-Arabië. De rebellen hebben hem gedwongen het land te ontvluchten, nadat ze de krachten 
hadden gebundeld met de voormalige Jemenitische president (en lange tijd 
de grote tegenstander van de Saoedi’s) Ali Abdullah Saleh (die aanvankelik tegen de Houthi’s was, tot hij in 2012 onder dwang opstapte). Maar het valt sterk te betwijfelen of die rebellen, los van de Saoedische paranoia, echt een directe bedreiging vormen voor Riyad.

Desalniettemin heeft Riyad in ruil voor Amerika’s herstel van de betrekkingen met Teheran de VS om steun gevraagd bij de pogingen van de door de Saoedi’s geleide coalitie om Hadi weer aan de macht te brengen. (Vooralsnog prefereert Hadi nog even de veiligheid van een hotelsuite in Riyad.) Daarvoor heeft Riyad nog een extra troef in handen: Washington wil betrokkenheid en goedkeuring van de Saoedi’s bij de strijd tegen Islamitische Staat in Syrië en Irak, een strijd die wordt gevoerd door een coalitie onder aanvoering van de VS.

Angst, zo niet regelrechte paranoia, kenmerkt de Amerikaanse houding ten opzichte van Jemen