Fraternité Matin | Abidjan

In koloniale tijden leidde de kweekschool William-Ponty in Senegal de zwarte Franstalige elite van Afrika op. Nu is dit mythische instituut alleen nog maar een ruïne.

Op sommige plekken tonen de gebarsten muren van het gebouw ijzeren staven in plaats van dakbedekking, een reusachtig geraamte van verroest ijzer dat elk moment kan instorten. Puin en verwrongen schroot maken het terrein moeilijk begaanbaar. Dat is het enige wat nog over is van het beroemde opleidingsinstituut William-Ponty in Senegal, op zo’n veertig kilometer van de stad Dakar.

De bezoeker bereikt deze ruïne via een afslag van de rijksweg Dakar-Sébikotane. De kronkelende en afgetakelde weg wordt overwoekerd door struikgewas. De automobilist moet heel langzaam en voorzichtig rijden om niet te stranden. Niets wijst erop dat hij zich naar een plek begeeft die een belangrijke rol heeft gespeeld in de moderne geschiedenis van zwart Franstalig Afrika.

Er is geen enkel bord dat naar de locatie van de kweekschool William-Ponty verwijst. En toch ontving deze school van 1937 tot 1967, oftewel 28 jaar, het koloniale establishment. Gedurende de hele Franse kolonisatie is bijna het voltallige hogere kader van Franstalig Afrika er opgeleid.

‘Pas op, er woont een boa in het amfitheater’