Haaretz | Tel-Aviv

Het is lastig laveren voor premier Netanyahu. Nu eens wordt hij op rechts ingehaald door minister van Onderwijs Naftali Bennett. Dan weer wordt hij op links gepasseerd door minister Avigdor Lieberman, die nochtans ook als extreemrechts bekendstaat.

Bleek in het gezicht en met de onhandige houding van een puber die op bezoek moet bij een vervelende oom en tante, verscheen premier Benjamin Netanyahu op 16 november in de Knesset. Het was voor de stemming over het ‘hasdara’-wetsvoorstel [dat – volgens de Israëlische wet – illegale nederzettingen op Palestijnse privégrond moet gaan legaliseren]. De weerzin dat hij in deze kwestie was meegesleept door minister van Onderwijs Naftali Bennett was hem duidelijk aan te zien. Hij stemde vóór alle drie de wetsvoorstellen en verliet vervolgens haastig weer het parlement.

Netanyahu kon het zich niet veroorloven rechts te worden ingehaald door Bennett, temeer omdat de overgrote meerderheid van de Likoedpartij zich in het parlement opstelt als een kopie van het extreemrechtse Joodse Huis. Het lastige is dat het Joodse Huis een nichepartij is, terwijl Likoed al tientallen jaren regeert.

Het is niet de eerste keer dat Netanyahu nationale en strategische belangen ondergeschikt maakt aan machtspolitiek. Maar zo openlijk als nu lapte al heel lang niemand het Israëlisch en het internationaal recht aan zijn laars. Het sowieso al discutabele Joodse-nederzettingenbeleid op de rechter Jordaanoever wint er ook niet bepaald mee aan legitimiteit.

Reclamefilmpje voor Likoed, de partij van Netanyahu, ‘Verpest niet alles, stem Likoed!’