The Nation | New York

Het presidentschap van Donald Trump is niet onoverkomelijk, schrijft journalist Gary Younge. Trumps overwinning illustreert de zwakte van de Republikeinse leiders, niet hun kracht. En ondanks zijn opschepperij blijft de nieuwe president kwetsbaar.

Kort voor het eind van het jaar werd de komende president gevraagd te reageren op een Republikeinse partijgenoot die aandrong op sancties tegen Rusland, vanwege de vermeende deelname van dat land aan het hacken tijdens de verkiezingen. Hij zei: ‘Ik denk dat computers het leven erg ingewikkeld hebben gemaakt. Het hele, hoe heet het, computertijdperk is op een punt gekomen dat niemand meer weet wat er gebeurt. We hebben snelheid en we hebben een heleboel andere dingen, maar ik ben er niet zeker van of we het soort veiligheid hebben dat je nodig hebt. Maar ik heb niet met de senatoren gesproken en dat zal ik over een tijdje zeker doen.’

Het wordt een lange paar jaar, dus laten we ons maar schrap zetten. Donald Trump is een hansworst. Hij is een racist. Hij is een vrouwenhater. Hij is een schurk met lange tenen en een charlatan. Hij is een ordinair burgermannetje en een xenofoob. Hij is een leugenaar en een plutocraat. Dat is allemaal waar; maar daar gaat het niet om. Wie zich daarop concentreert, bouwt een gloeiend hete oven van zelfingenomen woede waar je hoogstwaarschijnlijk aan onderdoor gaat. Het kan een inspiratiebron zijn voor geweldige sketches en memes, en een gevoel van wanhoop en wrok voeden dat je in een badje van zelfgenoegzaamheid kunt marineren. Linkse lieden die boos willen zijn, zullen hun lol op kunnen. Maar wie die woede in effectief verzet wil omzetten, wordt met een zwaardere uitdaging geconfronteerd.

Niet de eerste

Het wemelt op de wereld van pathologische types als Donald Trump die zichzelf en hun omgeving het leven zuur maken. Trump is niet de uitvinder van racisme, stompzinnigheid, islamofobie of nationalisme. Hij is niet de eerste die het Witte Huis met discriminerende bedoelingen betrekt. Het presidentschap is geen meritocratie – er hebben al veel te veel domme blanke mannen in dat kantoor gezeten om serieus te kunnen geloven dat het alleen wordt bezet door degenen die het meest geschikt zijn om een land te leiden.

Evenmin zal Trump een autoritair regime hoeven op te bouwen dat de mensenrechten met voeten treedt; hij treft een bouwwerk aan dat volledig intact is, opgetrokken door voorgangers van beide partijen. De werkelijkheid is al erg genoeg; we hoeven de gruwelen ervan niet met mythes te versterken. Zo iemand als hij hebben we nog nooit gezien, maar hij komt niet vanuit het niets.

Trump is gevaarlijk. Zijn campagne heeft allerlei bekrompen soortgenoten aangemoedigd; ze vond niet alleen weerklank in de VS, maar ook in de rest van de wereld, waar uiterst rechts, van Frankrijk tot Finland, het grootste electorale profijt heeft getrokken uit de financiële crisis. Trumps campagne lapte electorale normen aan haar laars ten gunste van gewelddadigheid en racistische ophitsing. Als zodanig was zijn kandidatuur niet alleen een bedreiging voor de democratie, maar ook, op veel langere termijn, het product van een democratie die al in een crisis verkeerde. De reden dat Trump van belang is, is niet omdat hij een afschuwelijke figuur is. Het probleem met Trump is niet dat hij stompzinnig is. Het probleem is dat hij heeft gewonnen, dat hij deze eigenschappen aan het land heeft getoond en er zelfs openlijk en schaamteloos mee heeft gepronkt, en als overwinnaar uit de bus is gekomen.

Dit laatste punt wordt gemakkelijk overschat. Hij heeft niet de meeste stemmen gekregen. Dankzij een van de laagste opkomsten in twintig jaar heeft Trump een kleiner percentage van de stemmen binnengehaald dan John Kerry, John McCain, Mitt Romney en Gerald Ford toen zij naar het presidentschap dongen – en zij hebben allemaal verloren. Hij heeft hetzelfde deel van de blanke stemmen gekregen als Romney in 2012 en Bush in 2004, en maar net iets meer dan McCain in 2008. Dit was geen stormloop van leden van uiterst rechts; ze liepen gewoon door een open deur die op een kier werd gehouden door de ambivalentie van velen en de arrogantie van een enkeling.

Maar het valt niet te ontkennen. ‘Verkiezingen hebben gevolgen,’ waarschuwde Barack Obama de Republikeinen, kort nadat hij in 2008 aan de macht was gekomen. En omdat Trump heeft gewonnen, heeft hij nu de macht – het soort macht dat levens kan beëindigen en de planeet kan vernietigen. De ooit naar pussy grijpende handen hebben nu toegang tot de codes. Zijn persoonlijkheid stuit tegen de borst; maar zijn macht is pas echt eng.