The Guardian | Londen

Het was al een enorme verrassing dat het straatarme Guinee-Bissau zich kwalificeerde voor de Afrika Cup. Maar na het gelijkspel tegen Gabon in de openingswedstrijd zinnen de djurtus (‘wilde honden’) op een nieuwe stunt.

In juli werd de finale van een groot voetbaltoernooi beslist door een speler uit Guinee-Bissau. Onlangs werd een groot toernooi geopend door elf spelers uit datzelfde West-Afrikaanse landje. En al zullen die elf waarschijnlijk nooit de prestatie evenaren van Éder, die Portugal naar de Europese titel trapte, wat ze nu al hebben gepresteerd is misschien net zo groots.

Guinee-Bissau speelde in Libreville de openingswedstrijd van de Afrika Cup tegen gastland Gabon: een affiche dat niemand zeven jaar geleden voor mogelijk had gehouden. Toen was het straatarme land van internationaal voetbal verstoken. Het had geen nationaal elftal en speelde bijna drie jaar geen interland. Maar op 4 juni 2016, toen het dankzij een goal van voormalig Liverpool-spits Toni Silva in blessuretijd Zambia versloeg, stond Bissau op zijn kop: een schier onmogelijke missie was tot een goed einde gebracht.

‘Dat was een totale verrassing, want niemand kende ons team eigenlijk,’ zegt oud-aanvoerder Bruno Fernandes. ‘Ik denk dat alleen wij insiders het gevoel hadden dat dit erin zat – zo niet nu, dan toch in de zeer nabije toekomst. We hebben genoeg voetbalkwaliteit in huis, het ontbrak ons alleen nog aan de juiste infrastructuur en de inzet van de mensen die ons vooruit moeten helpen.’

Deze Afrika Cup komt te laat voor Fernandes, die in 2015 met voetballen is gestopt na een carrière bij een hele stoet clubs, met als laatste Cefn Druids uit Wales. Inmiddels werkt hij als fitnessinstructeur in Liverpool, maar hij overlegt nog geregeld over voetbalzaken met de bondscoach, zijn goede vriend Baciro Candé. Het is door een gelukkig toeval dat Candé weer op de post zit die hij eerder al bekleedde van 2003 tot 2010. Zijn voorganger, [de Portugees] Paulo Torres, was voor de laatste vier kwalificatieduels geschorst wegens zijn agressieve bejegening van de scheidsrechter tijdens een doelpuntloos gelijkspel tegen Zambia. Om de kwalificatiereeks niet zonder coach af te sluiten, moest er een vervanger worden gezocht. En onder Candé werd meteen drie keer op rij gewonnen. ‘Ik ben er altijd van overtuigd geweest dat Baciro ons naar een groot toernooi zou leiden,’ zegt Fernandes. ‘Hij weet hoe hij met spelers moet omgaan, en omdat hij een landgenoot is zit hij op dezelfde golflengte. Hij kent het voetbal van Guinee-Bissau door en door, het was een enorm pluspunt dat hij ons met al zijn ervaring kon komen helpen.’

Fernandes weet nog dat hij voor interlands zelf zijn vliegticket moest betalen (wat in het Afrikaanse voetbal niet ongebruikelijk is)