The Guardian | Londen

De Britse krant The Guardian is blij verrast met de nieuwe Penguin-bloemlezing van Nederlandse literatuur, samengesteld door wijlen Joost Zwagerman. ‘Deze bundel laat ons zien dat Nederlandse en Britse personages in wezen op elkaar lijken.’

Waar moet je beginnen bij Nederlandse literatuur? Elke Britse lezer met een redelijk oog voor wat er over de grens gebeurt kan een lijst Franse, Italiaanse en Scandinavische schrijvers opsommen, modern en klassiek. En ook 
Duitse, al zijn die waarschijnlijk eerder van de vorige eeuw dan de huidige. Maar Nederlandse? Dat is een vreemd hiaat in onze culturele kennis van Europa.

En dat is verbazingwekkend als je bedenkt hoe de gemiddelde Nederlander en Brit op elkaar lijken. Natuurlijk, Het diner van Herman Koch, waarin een schijnbaar gelukkig gezin genadeloos wordt gefileerd, was in 2009 een groot internationaal succes en Gerbrand 
Bakker won in 2010 de International IMPAC Dublin Literary Award met The Twin [de Engelse vertaling van Boven is het stil]. En dan is er nog Cees Nooteboom, inmiddels in de tachtig, die is doorgedrongen tot de zeldzame hogere sferen van ‘het genoemd worden als Nobelkandidaat’. Maar dat waren 
de Nederlandse auteurs die ik kon opnoemen… tot de verschijning van 
The Penguin Book of Dutch Short Stories.

Deze enorm welkome bloemlezing bewijst ons een dubbele dienst door ons te laten kennismaken met 36 schrijvers, levende en dode, van wie we waarschijnlijk nog nooit hebben gehoord, en ook nog tot op zekere hoogte uit te leggen waarom dat zo is. Dat is te danken aan de uitstekende inleiding van samensteller Joost 
Zwagerman. Het speet me voor in het boek te moeten lezen dat hij zelfmoord heeft gepleegd voordat de bloemlezing verscheen.