El País | Madrid

Sinds de spectaculaire arrestatie in 2015 van een van de machtigste zakenmensen van Brazilië, is de opschudding over de corruptiezaak rondom bouwbedrijf Odebrecht nauwelijks afgenomen.

De Braziliaanse zakenwereld trilde op zijn grondvesten toen een rechercheteam Marcelo Odebrecht arresteerde in zijn luxueuze huis in São Paulo. En de politieke wereld niet minder. Sindsdien is de opschudding echter niet afgenomen. Odebrecht, de kleinzoon van de oprichter van de het grootste bouwbedrijf 
van Latijns-Amerika – en inmiddels 
de directeur – kent genoeg geheimen om op het hele continent presidenten tot aftreden te dwingen en regeringen 
ten val te brengen. Het bedrijf heeft 168.000 werknemers en is actief in 
28 landen, waaronder Venezuela, Colombia, Peru en de Verenigde Staten.

Vergiftigd cadeautje

Maandenlang weigerde de zelfverzekerde en koppige Odebrecht het vergiftigde cadeautje van het Braziliaanse Openbaar Ministerie te accepteren: alles vertellen wat hij wist – en dan vooral wie hij allemaal steekpenningen had toegestopt in ruil voor lucratieve contracten – om zo zijn strafmaat te verminderen. Maar zijn bedrijf was in een vrije val geraakt en dreigde niet meer aan publieke aanbestedingen 
mee te mogen doen. Dit gevaar, 
tezamen met het door de onderzoekers verzamelde bewijsmateriaal, deed 
hem uiteindelijk toch buigen. Een door een secretaresse vergeten dossier met daarin alle namen van politici die geregeld betalingen hadden ontvangen, was een van de meest doorslaggevende bewijsstukken.

Odebrecht besloot uit de school te klappen in ruil voor een verlaging 
met tien jaar van de hem in maart 2016 opgelegde gevangenisstraf van negentien jaar. In navolging van hun chef besloten nog 77 andere hoge functionarissen van het bedrijf alle namen, periodes en exacte geldbedragen 
waarvan zij op de hoogte waren aan 
de politie te melden, in ruil voor jaren van vrijheid.