360 Magazine | Amsterdam

Ook in Duitsland lopen de gemoederen over het Turkse referendum hoog op. Zeker nu Erdogan heeft aangekondigd zelf in Duitsland te willen komen spreken.

JA

Het is maar moeilijk te verdragen dat de Turkse president Recep Tayyip Erdogan in Duitsland campagne wil voeren voor zijn grondwetsreferendum, dat van hem een onbeperkt heerser moet maken en dat een einde aan de vrijheid van meningsuiting en de liberale democratie in zijn land zou betekenen. Mag een vrijheidslievende democratie een dergelijke tegenstander van de vrijheid, die tienduizenden critici heeft laten opsluiten en ze waarschijnlijk zelfs in Duitsland laat bespioneren, een podium bieden? Ja, dat mag ze, sterker nog, dat moet ze. Juist uit het feit dat wij de vrijheid van meningsuiting niet inperken zolang een spreker niet in strijd met het democratische staatsbestel en onze wetgeving handelt, blijkt de superioriteit van onze democratie. Dat recht geldt ook voor buitenlandse politici. Zelfs als dat in het geval van Erdogan met zijn nationalistische, antiwesterse en retorische uitspraken nauwelijks te verdragen is. De democratie kunnen we alleen verdedigen als we ons consequent aan de regels houden.

Een verbod van Erdogans optreden zou bovendien de conflicten tussen de hier wonende Turken en mensen van Turkse afkomst alleen maar verscherpen. Waarschijnlijk zou er precies het tegendeel mee worden bereikt: nog meer ja-stemmen bij het referendum