The Guardian | Londen

Steden van Zweden tot India streven naar een volledig cashloze maatschappij. Maar als steeds meer winkels en vervoersmaatschappijen aandringen op elektronische betaling, hoe moet het dan met de kleinste zelfstandigen en de armste inwoners?

Toen ik afgelopen Kerst door mijn onlinebankafschriften scrolde, merkte ik tot mijn verbazing dat ik al ruim vier maanden geen contant geld meer had gepind. Dankzij de alom aanwezige elektronische betalingssystemen is het steeds makkelijker geworden om je onder begeleiding van een koor van goedkeurende piepjes door Londen te bewegen.

Naarmate meer winkels en vervoersmaatschappijen overstappen op contactloze kaarten en touch-and-gotechnologie, wordt contant geld in veel grote wereldsteden naar de tweede rang verdrongen. Velen van ons gebruiken graag hun kaartje of mobieltje om op een bus te stappen, een koffie te kopen of boodschappen te betalen, maar het spiegelt een toekomst voor waarin we helemaal geen contant geld meer op zak hebben. Geen kleingeld meer voor de straatmuzikant, de dakloze die snakt naar iets warms om te drinken, de marktkoopman, de collectebus.

Sommige deskundigen vrezen inmiddels voor een tweedeling in de stedelijke maatschappij, waarbij 
de laagste inkomens worden buitengesloten van het gangbare commerciële verkeer door hun afhankelijkheid van traditionele betalingswijzen.

Rechtstreeks en eenvoudig

‘Het mooie van contant geld is dat het een rechtstreekse en eenvoudige transactie tussen allerlei 
verschillende mensen mogelijk maakt, hoe arm of rijk ze ook zijn,’ zegt financieel schrijver Dominic Frisby. ‘Als je op cashloosheid begint aan te dringen, zet dat je onder druk om een bankrekening te nemen en je aan te sluiten bij een financieel systeem, en veel van de allerarmsten zullen waarschijnlijk buiten dat systeem blijven. Dus er is een reëel gevaar voor uitsluiting.’ Ajay Banga, CEO van Mastercard, heeft gesproken over het toenemende wereldwijde risico van ‘het creëren van eilandjes waar mensen zonder bankrekening alleen nog maar onderlinge transacties uitvoeren’.

In India is de vraag hoe de allerarmsten aansluiting kunnen vinden bij de gedigitaliseerde wereld van de middenklasseconsument uiterst relevant geworden. Afgelopen november kondigde premier Narendra Modi aan dat de biljetten van 500 en 1000 roepie uit omloop zouden worden genomen, een van de pogingen om zijn land op te stoten in de cashloze vaart 
der volkeren. Modi’s regering gelooft dat het beperken van contant geld en het aandringen op elektronische betaling zullen helpen om de corruptie aan te pakken en India’s ‘zwarte’ economie te reguleren.

Saurabh Shukla, de in Delhi gevestigde hoofdredacteur van NewsMobile Asia, zegt dat hij de afgelopen twee maanden veel kleine winkeliers heeft zien 
overstappen op kaartlezers en Paytm, een mobiel betalingsplatform. ‘Maar aan het eind van de werkdag of -week willen ze alles toch weer in contanten omzetten. Het zal een geleidelijke aanpassing vergen.’

De regering-Modi moedigt steden aan om smart cities te worden door hun openbare dienstverlening te koppelen aan de nieuwste onlinetechnologie. 
Ambtenaren streven ernaar om van Chandigarh, 
ontworpen door de modernistische architect Le 
Corbusier, India’s eerste cashloze stad te maken door erop aan te dringen dat alle overheidsrekeningen elektronisch worden betaald. En de regering van Goa probeert haar hoofdstad Panjim cashvrij te maken door korting te geven op digitaal aangeschafte diensten als treinkaartjes, en door kleine zelfstandigen onderricht te geven in e-paymenttechnologie.

Maar sommige arme straatverkopers kunnen zich geen kaartlezer permitteren en hebben moeite met Paytm-betalingen op hun mobiele telefoon.