Shaffaf | Parijs

Jemen gaat sinds vorig jaar gebukt onder sektarisch geweld. Sjiitische Houthi-rebellen voeren strijd tegen de verdreven president Abd-Rabbuh Mansur al-Hadi. En dan zijn er behalve hun tegenstanders nog de Moslimbroeders, Al Qaida en IS. Er is te veel dat hen scheidt om tot een verzoenende regeling te komen.

Jemen hangt van paradoxen aan elkaar. Dat begint al met het aantal strijdende partijen in de huidige oorlog die iedereen probeert aan te wenden om zijn eigen agenda te realiseren. Zo kunnen de belangen van de één op sommige punten samenvallen met de belangen van de ander, de vijand van vandaag kan de bondgenoot van morgen zijn, en vice versa. In de eerste plaats zijn er de Houthi’s (rebelerende milities die beschouwd worden als sjiieten). Sinds een tiental jaren voeren ze oorlog tegen de Jemenitische centrale regering, wat geleid heeft tot verzwakking van het regime en verbreding van de politieke en religieuze kloof in de samenleving. Dat zal ook 
zo blijven als deze oorlog is afgelopen. Er dient trouwens op te worden gewezen dat de Houthi’s de vijand waren van president Ali Abdallah Saleh [aan de macht van 1978 tot 2012], terwijl ze nu gemene zaak met hem maken, zonder dat we weten hoe lang dat zal duren.

‘Jemen regeren is als dansen in een slangenkuil’