Jornal de Notícias | Lissabon

In Europa schreeuwen lidstaten om beschermde buitengrenzen, of zelfs een onneembare muur om hun land. Portugal, daarentegen, zou juist graag vluchtelingen verwelkomen. Als die tenminste willen komen.

Eén ding is zeker: vluchtelingen komen hier niet graag naartoe. Ondanks onze befaamde rust, onze hervonden economische groei en de schijnbare vooruitgang, hebben oorlogsvluchtelingen geen zin om in Portugal een nieuw leven op te bouwen. Er zijn hogere waarden in het geding.

Een beetje onrustbarend is het wel, dat families die in gammele bootjes hun leven hebben gewaagd op zee en nu opeengepakt zitten in vluchtelingenkampen, toch niets van Portugal willen weten wanneer ze een enkele reis Lissabon aangeboden krijgen. Het vergt psychologisch inzicht om hun beweegredenen te begrijpen: voor wie alles op het spel heeft gezet is alleen het beste genoeg. Bijna allemaal verkiezen zij een verblijf in een opvangcentrum voor asielzoekers in een Midden-Europees land. Zij nemen voor zichzelf en voor hun kinderen de slechte levensomstandigheden, die in de wintermaanden alleen nog maar slechter zullen worden, op de koop toe. Schijnbaar is dat minder erg dan om in ons milde 
en zonnige klimaat te komen wonen. In ieder geval willen ze die stap niet zetten zolang de kans niet is verkeken om in een rijker noordelijk land onderdak te vinden. De keuze tussen lekker weer en een toekomst is snel gemaakt, en Portugal trekt daarbij aan het kortste eind. Onlangs kwamen de eerste berichten binnen: ‘De overgrote meerderheid van de asielzoekers op weg door Europa wil verder reizen naar Duitsland en Zweden.’ De televisie, de radio en de kranten pikten het thema op. De Serviço de Estrangeiros e Fronteiras [Dienst Vreemdelingen en Grenzen] erkent dat het met de opname van vluchtelingen niet erg wil vlotten.

Hooguit vijftig

Deels komt dat door allerlei bureaucratische rompslomp, maar ook (of vooral) omdat de vluchtelingen simpelweg weigeren om naar Portugal te reizen. Begin september kondigde de regering aan dat er bijna vijfduizend opgenomen zullen worden, maar in december zullen er hooguit vijftig vanuit Griekenland en Italië hiernaartoe komen. Vluchtelingen vertellen elkaar dat er in de noordelijke landen volop werk is en dat de levenstandaard er hoog is, terwijl men over Portugal eigenlijk weinig weet. Zo weinig, dat de Portugese ambassadeur in Griekenland, Rui Alberto Treno, 
naar een vluchtelingenkamp toog om vluchtelingen voor te lichten over wat hun na de aankomst op de Lusitaanse kusten* precies te wachten staat. Als een soort ambassadeur, die nu alleen geen buitenlandse investeerders moet aantrekken maar vluchtelingen moet overhalen om voor ons land te kiezen.