Phys.org  | Douglas, Isle of Man

Wijzen alle bewijzen dezelfde kant op? Dan klopt er vaak iets niet, zeggen wetenschappers. Het verschijnsel wordt de unanimiteitsparadox genoemd.

Als een verdachte onder het oude Joodse recht door alle rechters van de rabbijnse rechtbank unaniem schuldig werd bevonden, leidde dat automatisch tot vrijspraak. Dat klinkt tegenstrijdig, maar de wetgevers hadden gemerkt dat een unaniem oordeel vaak een teken was van een systeemfout in de rechtszaak. Zelfs al is de precieze aard van die fout niet meteen duidelijk, zo redeneerden ze, wanneer iets te goed lijkt om waar te zijn, is er waarschijnlijk ergens een fout gemaakt.

In Proceedings of The Royal Society A verschijnt binnenkort een artikel van een groep onderzoekers uit Australië en Frankrijk waarin die gedachte nader wordt onderzocht. Zij spreken van de ‘unanimiteitsparadox’.

‘Als veel getuigen onafhankelijk van elkaar unaniem een dader aanwijzen, denken we automatisch dat ze zich niet allemáál kunnen vergissen,’ zegt coauteur Derek Abbott, docent natuurkunde en elektrotechniek aan de University of Adelaide. ‘We beschouwen unanimiteit doorgaans als een teken van betrouwbaarheid. Maar de kans dat een groot aantal mensen unaniem is in hun oordeel, is eigenlijk heel klein. Ons vertrouwen in unanimiteit is dus onterecht. Deze “unanimiteitsparadox” toont aan dat we vaak veel minder zeker zijn van onze zaak dan we denken.’

Ze kunnen zich niet allemáál vergissen