The Wall Street Journal | New York

Australische cowboys kunnen hun vee tegenwoordig in de gaten houden zonder dat ze de deur nog uit hoeven. Vaarwel zweep en zadelpijn.

Murray Grey heeft de pest aan de traditionele veehouderij. Jarenlang besteeg hij zijn paard om zo’n vijfduizend stuks vee bijeen te drijven op een lap grond ter grootte van twee keer New York in de Outback, het ruige binnenland van Australië. Heel romantisch, slapen onder de sterrenhemel, maar niet met wolken zoemende vliegen en giftige reptielen in de buurt. Het vee raakte door de lange trek vaak veel gewicht kwijt, waardoor Grey duizenden dollars winst misliep. Sinds kort gooit de dertigjarige cowboy het over een andere boeg. Hij heeft zijn zadel verruild voor een bank en zijn zweep voor een mobieltje.

Het beeld van zwepen knallende en tabak pruimende cowboys dat we danken aan acteurs als John Wayne ligt onder het vuur van een zeer moderne vijand: de technologie. Grey en andere veeboeren in de Outback doen mee aan een experiment waarin gegevens van NASA-satellieten worden gebruikt om hun kuddes te beheren.

Nieuwste snufje

Australische veeteeltbedrijven zijn zo groot en liggen zo afgelegen dat de boeren zelden de verste gedeelten van hun land bezoeken. Ze zien slechts 2 procent van het hele gebied regelmatig. Dankzij satellietdata en andere gegevens die op grote afstand worden verzameld kunnen ze hun vee in de gaten houden terwijl het door het struikgewas banjert. En wat ook best fijn is: het scheelt zadelpijn.

Undoolya Station, het oudste veeteeltbedrijf in het Noordelijk Territorium, een dunbevolkt gebied dat twee keer zo groot is als Texas, telt vijfduizend stuks vee. Waar het zes generaties lang ooit een man of twintig in dienst had, werken er tegenwoordig nog maar twee: de 43-jarige Ben Hayes en zijn vrouw Nicole van 42. Helikopters hebben het al lang geleden overgenomen van de paarden, als middel om het vee op te drijven. Maar ook zij zullen nu misschien verdwijnen, na een succesvol experiment met het nieuwste snufje op het gebied van agrarische technologie.

Het Outback-project is het eerste ter wereld waarin uitsluitend technologie wordt gebruikt om in zulke afgelegen gebieden runderen te volgen, aldus een overheidsorganisatie die de proef, met vijf bedrijven, heeft opgezet. Satellieten maken dagelijks opnames van elke are van de bedrijven. Op de grond wegen automatische weegstations de runderen elke keer dat ze naar de drinkbak komen. De data worden verwerkt door een computerprogramma en naar de boeren gestuurd. Die besluiten vervolgens of er voldoende voedsel is en of elk dier zwaar genoeg is voor de markt.

Ben Hayes denkt niet dat de pioniers die de ranch ooit hebben gesticht zich in hun graf zouden omdraaien vanwege de technologische ommezwaai. In een interview van een paar jaar geleden werd zijn grootvader gevraagd hoe het was om te boeren in ‘de goede oude tijd’. Zijn antwoord, aldus zijn kleinzoon: alleen dankzij moderne uitvindingen als airco, elektriciteit en koelkast had hij nu zelf een goede oude dag.