The Intercept | Rio de Janeiro

De Brazilianen verwijten president Rousseff behalve haar betrokkenheid bij een corruptieschandaal de ergste recessie in Brazilië in 25 jaar. Volgens onderzoeksjournalist Glenn Greenwald grijpen de elite en hun media deze kans aan om te doen wat op democratische wijze nooit is gelukt: de Arbeiderspartij uit de regering krijgen.

Brazilië is een heel jonge democratie. In 1964 werd de democratisch gekozen linkse regering nog afgezet na een militaire coup. Die staatsgreep en de daaropvolgende dictatuur kregen steun van Braziliës oligarchen en hun grote mediabedrijven, de Globo-groep, voorop: die schilderden de coup af als een nobele zege op een corrupte linkse regering. De dictatuur had ook de steun van de exorbitant rijke (en in overgrote meerderheid blanke) bovenklasse en de kleine middenklasse van het land. In de Braziliaanse maatschappij spelen scherpe rassen- en klassentegenstellingen in Brazilië nog steeds een grote rol.

Corruptie is een groot probleem in de politieke klasse – ook in de hoogste rangen van de regerende Arbeiderspartij. Maar de plutocraten en hun media en de hogere klassen grijpen dit corruptieschandaal aan om te doen wat hun jarenlang niet op democratische wijze is gelukt: de Arbeiderspartij uit de regering krijgen.

Dilma Rousseff en haar partij zijn door corruptie en economische tegenslag bijzonder impopulair geworden. – © Sergio Kremer / Getty