52 Insights   | Londen

Andre Geim is de uitvinder van het grafeen, het dunste materiaal op aarde dat zo sterk is dat je er een neerstortend vliegtuig mee kunt opvangen. Een gesprek met de Nederlands-Britse Nobelprijswinnaar over de toepassingen van zijn vinding, de schoonheid van zuivere wetenschap, de toekomst van de universiteit en zwevende kikkers.

Andre Geim is de vader van grafeen, het grafietlaagje van één atoom dik dat onze toekomst gaat veranderen. Het is het dunste materiaal op aarde en toch tweehonderd keer sterker dan staal: zo sterk dat je er in theorie een neerstortend vliegtuig mee kunt opvangen.

Realistischer toepassingen zijn ultrabuigzame smartphones en zonnepanelen die energie uit regendruppels halen. Geim en zijn onderzoekspartner Konstantin Novoselov ontdekten grafeen in 2004 in hun vrije tijd bij een van hun ‘vrijdagavondexperimenten’. Een ontdekking die zes jaar later werd bekroond met de Nobelprijs.

Maar dit ‘supermateriaal’ is maar één facet van Geims fascinerende wetenschappelijke loopbaan. Hij is in de Sovjet-Unie geboren en zijn ouders zijn Duits, zodat hij ooit een plaats aan een vooraanstaande universiteit misliep vanwege twijfels over zijn etnische afkomst. Toen hij dankzij de glasnost uiteindelijk in Europa kon studeren, was dat het begin van een unieke wetenschappelijke carrière. Wat Geim bovenal kenmerkt, is zijn passie voor zijn werk. Over de commerciële exploitatie van dit materiaal dat hem zo aan het hart gaat, is hij terughoudend, bijna bedeesd. De wereld is de revolutionaire gevolgen van zijn ontdekking nog aan het aftasten, Andre Geim wacht ondertussen nog altijd op revolutie.

‘Historisch heeft het altijd dertig tot veertig en soms wel honderd jaar geduurd voordat mensen geschikte toepassingen voor nieuwe materialen vonden’