FAZ  | Frankfurt am Main 

Kan SPD-kandidaat Martin Schulz een voorbeeld nemen aan Emmanuel Macron of Jeremy Corbyn? Nee, stelt de conservatieve Frankfurter Allgemeine Zeitung. En een derde weg is er eigenlijk ook niet.

Zijn de kaarten al geschud? De eerste helft van het verkiezingsjaar was een soort nachtmerrie voor de SPD. Eerst was er het laaiende enthousiasme over de nieuwe voorzitter en kanselierskandidaat, waarbij nog altijd vraagtekens kunnen worden gezet. Toen de verpletterende deelstaatverkiezingen. En nu is alles weer als vanouds: Merkel heerst.

Veel redenen voor de raketstart van Schulz hebben aan overtuigingskracht ingeboet omdat ze in tegenspraak zijn met de sterke neergang die hij sindsdien beleeft. Schulz is er niet in geslaagd een thema te benoemen dat de Duitsers aanspreekt, en kennelijk is het ook geen voordeel tegenover Angela Merkel en de grote coalitie [CDU/CSU en SPD] om aan de zijlijn te staan en de rol van onbevlekte te willen spelen. Misschien was dat het geval in het voorjaar, op een gunstig moment. Er zijn echter maar weinig politici die langere tijd kunnen inspelen op een hunkering zonder daarvoor een podium te hebben in de instituties waarvan ze juist als tegenvoeters worden beschouwd. Schulz ontbreekt het althans aan optredens in de Bondsdag.

Derde optie?

Dat is niet het enige waar het de kanselierskandidaat aan ontbreekt. De SPD wordt niet meer alleen beoordeeld op de drie nederlagen in de deelstaatverkiezingen. Het succes van twee heel verschillende sociaal-democraten, Jeremy Corbyn en Emmanuel Macron, zou de partij een impuls kunnen geven. De SPD heeft echter grote moeite om een keuze maken tussen die twee. Niet omdat ze hen allebei zo goed vindt, maar omdat beiden zijn zoals de SPD niet meer wil zijn. De een is te zeer een betonsocialist, de ander is wat niet alleen binnen Die Linke maar ook binnen de SPD wordt afgedaan als neoliberaal. Met de Corbyn-Macron-verlegenheid van de SPD wordt de vinger precies op de zere plek gelegd: ja, en wat nu, is er niet een derde optie?

Van Schulz mag je verwachten dat hij het het liefst zo zou doen als Macron. Al in de sociaal-democratische lente leek het erop dat de Schulz-stoet met een Schulz-lijst in de Schulz-herfst naar de Schulz-verkiezingen zou gaan trekken. Sigmar Gabriel [minister van Buitenlandse Zaken in het huidige kabinet-Merkel] heeft een bijeenkomst van de SPD al eens geënthousiasmeerd met de opmerking dat de partij weer meer ‘een beweging’ moest worden, zoals ooit in de gouden jaren zeventig. Gabriels worsteling bestond voor een groot deel in een strijd tegen het keurslijf van de partij. Daarin ingesnoerd zal de SPD geen kanselier afleveren. Het probleem voor Schulz is dat hij geen Macron is, hoewel hij beslist een beweging in gang heeft gezet. Maar hij is weer ingesnoerd.

Er zijn echter kanselierskandidaten van de SPD geweest die minder bewegingsruimte hadden. Schulz is ten slotte ook geen Corbyn, die alleen maar geluk heeft dat zijn oudbakken boodschap door de sombere Britse perspectieven op veel kiezers overkomt als een veilige haven. Waarschijnlijk vergaat het hem net als Schulz aan het begin van het jaar: hij weet helemaal niet wat hem overkomt. De situatie in Duitsland is echter een heel andere dan die in Groot-Brittannië of Frankrijk. Elke poging die landen erbij te betrekken loopt voor Schulz uit op een aanval van links tegen sociaal-democratische halfhartigheid en van rechts tegen een vermeende rood-rood-groene samenzwering.