Gatopardo | Mexico-Stad

De Spaanse journalist Xavier Aldekoa reisde naar het Tsjaadmeer, de schuilplaats van Boko Haram. Het geweld van de islamitische terreurbeweging brengt miljoenen burgers in een uitzichtloze situatie.

De naam die Djafana Ali haar vijfde kind gaf was een kleine daad van verzet, bijna een genoegdoening, geboren uit trots. De man die Djafana uit de groep vrouwen pikte om te verkrachten was minder subtiel. Luttele weken na haar ontvoering in april 2015 door de Nigeriaanse fundamentalistische terreurorganisatie Boko Haram duwde een van de jihadisten de poort van het erf open waar Djafana samen met honderden andere vrouwen en meisjes (het waren er zo’n zevenhonderd, schat ze, opgedeeld in verscheidene groepen) opgesloten zat. De man pakte haar arm vast en nam haar mee naar een bos, waar hij haar misbruikte. De Boko Haram-strijder wees haar aan als zijn vrouw en niet lang daarna raakte ze zwanger van hem.

Een paar dagen voor haar ontvoering had Djafana haar man en kinderen achtergelaten in haar geboortedorp Melea, op het vasteland van Tsjaad, omdat haar zieke moeder, die alleen in Buduma woonde (een eiland midden in het meer van Tsjaad), haar zorg nodig had. Djafana wist maar al te goed hoe riskant de tocht was. Het labyrint van vaarwegen en de talrijke eilanden in het Tsjaadmeer, dat een natuurlijk grensgebied vormt tussen Nigeria, Kameroen, Niger en Tsjaad, is sinds een paar jaar de schuilplaats van islamitische extremisten. Maar haar moeder was ziek en daarom ging Djafana toch naar haar toe.

Een paar uur na het weerzien met haar moeder vielen Boko Haram-strijders het eiland binnen en ontvoerden ze alle jonge vrouwen en kinderen. Over de precieze toedracht geeft Djafana geen details prijs. Ze vertelt alleen hoe ze een deur opentrokken, een vrouw pakten en die aan een van de strijders gaven. Wanneer een vrouw weigerde, dan was ze een hoer en werd ze of ter plekke vermoord, of mocht iedereen zich aan haar vergrijpen.

Nooit hebben Djafana en haar Boko Haram-echtgenoot ook maar een woord met elkaar gewisseld. Nooit was hij aardig tegen haar. Altijd liet hij haar honger lijden