Al-Hayat   | Londen  

Het wemelt van de paramilitaire groeperingen in het Midden-Oosten. Uniek aan Hezbollah is dat het zich steeds meer gedraagt als een echte staat.

Het komt zelden voor dat milities net zo machtig worden als het leger. Over het algemeen is een militie oneindig veel zwakker dan het leger van de staat waarvan ze deel uitmaakt. Neem de voorvechters van white supremacy in de VS, of de extremistische Joodse kolonisten op de Westelijke Jordaanoever. De milities die ze vormen zijn niet opgewassen tegen het militaire apparaat van de overheden. Bovendien is de zaak waarvoor ze strijden doorgaans zo omstreden en op een beperkte groep gericht, dat niemand ze ervan zal verdenken de belangen van een breder collectief te behartigen. Hun racisme staat niet ter discussie, en ze doen ook geen moeite om anderen te winnen voor hun ideeën over superioriteit, of om eenstemmigheid omtrent hun uitspraken af te dwingen.

Niemand zal het in zijn hoofd halen ze als lichtend voorbeeld op te voeren. Het zijn derhalve ‘marginale’ milities. Maar er zijn ook ‘centrale’ milities. Zoals de Revolutionaire Garde in Iran, of de Iraaks-sjiitische milities Hashd al-Shaabi. Die vormen geen tegenwicht voor het leger van hun staat, maar vullen het aan. Ze volgen het model van Europese totalitaire regimes door taken uit te voeren die hun door de regimes zijn opgedragen. Hiervoor ontvangen ze aanzienlijke budgetten, die worden toegewezen uit naam van ideologische credo’s over de verdediging van het vaderland, de strijd tegen verraderlijke buitenlandse of binnenlandse samenzweringen, enzovoort.

Ooit was [het Libanese] Hezbollah een militie van de eerste soort: ‘marginaal’. Dat was in de jaren tachtig, toen ze door de Revolutionaire Garde werd getraind, in de dagen dat slogans als ‘uw sluier is mij dierbaarder dan mijn bloed’ het goed deden, en ongesluierde vrouwen zuur in hun gezicht kregen. Maar al snel werd Hezbollah een ‘centrale’ militie. Daartoe doopte ze zich om tot verzetsorganisatie die als heilig streven zei te hebben om door Israël bezet Arabisch land te bevrijden. Vervolgens werd Hezbollah erkend en gelegitimeerd door de inter-Libanese vredesakkoorden. De beweging ging deel uitmaken van de regeringsmachinerie, met parlementariërs en ministers. Uiteindelijk werd Hezbollah een actor in de oorlog in Syrië. De benoeming tot Libanese president van christen Michel Aoun, die nooit een geheim heeft gemaakt van zijn banden met Hezbollah, betekent dat de beweging het Libanese buitenlandbeleid mag bepalen.

Door zich voor te doen als het ‘verzet’ verschafte Hezbollah zich voldoende legitimiteit om over alle belangrijke politieke kwesties mee te beslissen