Il Messaggero  | Rome  

Voetballand Italië beleefde de recente uitschakeling voor het WK in Rusland als een historische ramp. Mag het wat minder dramatisch, schrijft politicoloog Alessandro Campi.

Je begint je af te vragen wat een fantastisch land Italië zou zijn als zijn inwoners ook maar een tiende van de hartstocht, de mentale inspanning, de lichamelijke energie, de creativiteit en de woorden zouden spenderen aan hun maatschappelijke betrokkenheid, hun dagelijks werk, hun sociale relaties en het algemeen belang als aan voetbal – zij het vaker als toeschouwer dan als speler.

Eens te meer hebben we laten zien waartoe we in staat zijn: het Squadra Azzurra heeft zich tegenover het over het algemeen zwakke Zweden, dat zich beslist niet kan meten met onze reputatie op voetbalgebied, niet kunnen kwalificeren voor het WK 2018 in Rusland. En op het moment dat het fluitje van de scheidsrechter het einde van de wedstrijd aankondigde, en daarmee niet alleen onze nederlaag bekrachtigde maar vooral onze fysieke inferioriteit, werden we overspoeld door een stortvloed van commentaren, beschuldigingen, protesten en standpunten die grensde aan een collectief psychodrama.

Een heel land voelde zich geroepen zijn mening te geven. We eisten op hoge toon het ontslag van de verantwoordelijken – en dan vooral van één daarvan, altijd dezelfde, de trainer. We hebben de vreselijke economische gevolgen die deze uitschakeling met zich mee zal brengen schromelijk overdreven. Om een parallel te trekken met deze nederlaag op het ereveld hebben we aan de zwartste uren van onze nationale geschiedenis gerefereerd, de onlangs herdachte Slag bij Caporetto die Italië de nekslag toebracht tijdens de Eerste Wereldoorlog. Plotseling zijn wij Italianen – gewoonlijk zo wars van iedere vorm van collectiviteitsbetoon – onszelf als een gekwetste, gewonde, diep gekrenkte gemeenschap gaan beschouwen die nu wanhopig op verlossing wacht. De woorden ‘catastrofe’, ‘tragedie’ en ‘apocalyps’ waren niet van de lucht, en ze zijn met zo veel luchtigheid en onmatigheid gedebiteerd – het blijft tenslotte maar een spelletje – dat je je kunt afvragen welke termen je moet gebruiken om een echte ramp te omschrijven.

We hebben gewoon de verkeerde mensen op de verkeerde plekken gezet. Die hebben gewoon hun werk slecht gedaan, fouten gemaakt