Haaretz | Tel-Aviv

De Grieks-orthodoxe kerk, volgens zeggen de grootste particuliere vastgoedeigenaar van Israël, verkoopt haar onroerend goed tegen bescheiden prijzen aan brievenbusmaatschappijen, zodat bewoners hun woning dreigen te verliezen.

Een in een belastingparadijs geregistreerde naamloze vennootschap heeft onlangs 2,8 miljoen euro betaald voor de aankoop van 240 appartementen, een winkelcentrum en bouwgrond in het centrum van Jeruzalem. Deze transactie werd tegen een bespottelijk lage prijs tot stand gebracht door het patriarchaat van de Grieks-orthodoxe kerk in Jeruzalem, na de Israëlische vastgoedautoriteit de grootste eigenaar van onroerend goed in Israël. Sinds enkele jaren verkoopt het patriarchaat zijn onroerend goed overal in het land aan in belastingparadijzen geregistreerde brievenbusmaatschappijen, tegen zulke lage prijzen dat men zich afvraagt of de kerk zich niet kost wat het kost van haar bezit probeert te ontdoen.

De drijfveer achter deze massale verkoop en de lage prijzen blijft een mysterie, maar Haaretz heeft de hand weten te legen op drie koopaktes die deze transacties enigszins verklaren. Zo is de in Jeruzalem verkochte grond inmiddels doorverkocht aan een andere maatschappij, die ook in een belastingparadijs is gevestigd. Op diezelfde manier is in de buurt van de Klokkentoren van Jaffa 0,6 hectare met tientallen winkels verkocht voor 1,3 miljoen euro. In Caesarea is 43 hectare verkocht voor maar 850.000 euro. Alle kopers zijn bedrijven die in belastingparadijzen staan geregistreerd, en het is onmogelijk ook maar enige informatie in te winnen over hun eigenaren. Over enkele decennia, als de pachtovereenkomsten zijn verjaard, zal het lot van deze grond in handen van de anonieme kopers liggen.

Paniek

Het grootste deel van deze grond is in de negentiende eeuw door de kerk verworven. Traditioneel verkocht de kerk de grond niet door, maar verpachtte die voor 95 jaar aan publieke instellingen als het Joods Nationaal Fonds (KKL) of de Israëlische vastgoedautoriteit. Zes jaar geleden heeft het patriarchaat van Jeruzalem, dat onder leiding staat van Theofilus III, diverse transacties gesloten met privéondernemingen, waardoor het vastgoedbezit van de kerk aanzienlijk is afgenomen. Voor zover bekend heeft de kerk bijna al haar grond in Jeruzalem verkocht en grote percelen in Jaffa, Caesarea, Ramla, Nazareth en Tiberias, evenals panden en appartementen in Jeruzalem en Jaffa.

De eerste grote transactie werd gesloten in 2011, toen de orthodoxe kerk honderden hectare in Jeruzalem (in de wijken Talbiya, Rehavia en Nayot) verpachtte aan een Israëlisch vastgoedbedrijf, genaamd Nayot Komemiyut. Een jaar geleden is al deze grond verkocht aan deze zelfde vastgoedgroep, die inmiddels Nayot-Komemiyut Investments is gedoopt. We hebben slechts één bestuurder van deze groep kunnen identificeren, de zakenman Noam Ben David. De twee transacties hebben paniek gezaaid onder een duizendtal appartementsbezitters in deze wijk, die hun woning dreigen te verliezen. Als het pachtcontract over dertig jaar afloopt, zullen deze grond en woningen volgens de wet automatisch in handen vallen van de nieuwe pachtheren en zullen de bewoners hun eigendomsrecht verliezen. Bovendien zijn de vastgoedprijzen in deze gebieden gekelderd als gevolg van de abnormaal voordelige contracten, hetgeen de huidige eigenaren ervan weerhoudt ze te verkopen.

Onlangs hebben de Israëlische staat en het KKL, die dit onroerend goed van de kerk pachten, onder druk van de publieke opinie geprobeerd een oplossing te vinden. Parlementslid Rachel Azaria van Kulanu, een middenpartij die zich heeft afgescheiden van Likoed, heeft een wetsvoorstel ingediend dat de regering het recht moet geven het door de kerk verkochte vastgoed te onteigenen om te voorkomen dat de bewoners uit hun huis worden gezet. Maar deze wet komt er voorlopig niet door.