El-Watan Weekend   | Algiers   

De Maghreblanden Algerije, Marokko en Tunesië kibbelen doorgaans over alles. Maar in een zeldzame opwelling van eensgezindheid willen ze nu couscous laten bijschrijven op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO.

De verstandhouding tussen de landen van de Maghreb laat van oudsher te wensen over, met name het eeuwige, door de pers doorgaans breed uitgemeten gekibbel tussen Algerije en Marokko. Zou de erkenning van couscous als gezamenlijk erfgoed de broodnodige verbroedering teweeg kunnen brengen?

Slimane Hachi, directeur van het Algerijnse Centre National de Recherches Préhistoriques, Anthropologiques et Historiques (CNRPAH), kondigde onlangs aan dat er een aanvraag is ingediend om het traditionele Noord-Afrikaanse gerecht te erkennen als werelderfgoed. Bijzonder is dat het een gemeenschappelijk initiatief betreft van de drie Maghreb-landen. Experts uit deze landen zullen dit voorjaar bijeenkomen.

Dat klinkt onschuldig, maar in werkelijkheid ligt de zaak gevoelig. De drie landen eisen ieder voor zich de oorsprong op van het gerecht, dat bestaat uit harde tarwe met groenten, specerijen, vlees of vis, bereid met olijfolie (of boter). De verhoudingen tussen de Algerijnen en Marokkanen zijn al heel lang ernstig vertroebeld door het conflict rond de Westelijke Sahara, en dat werkt door op politiek, diplomatiek, militair en cultureel niveau.

Couscous markeert is de grens die graan- en rijsteters scheidt