New Scientist   | Londen

Planten communiceren door het afscheiden van geurstoffen. Zo kunnen ze elkaar waarschuwen voor insecten. Of deze juist aantrekken als ze last hebben van bladluis. Maar door de luchtvervuiling wordt deze ‘geurentaal’ verstoord.

In de klassieke postapocalyptische roman The Day of the Triffids terroriseren reusachtige vleesetende planten de mensheid. Triffids kunnen lopen en hebben giftige angels, maar zijn vooral gevaarlijk omdat ze met elkaar communiceren en tegen ons samenspannen. Hoe vergezocht ook, sinds de publicatie van John Wyndhams boek in 1951 zijn sommige 
aspecten van dit verhaal bewaarheid geworden. Planten blijken echt met elkaar te kunnen praten. Als je tijdens een boswandeling diep inademt, kun 
je hun ‘woorden’ ruiken: complexe vluchtige verbindingen als bèta-
pineen, een frisse dennengeur. Planten produceren duizenden van zulke stoffen en kunnen door ze te combineren echte ‘zinnen’ vormen.

Deze geurentaal wordt echter bedreigd. Luchtvervuiling verstoort bloemen- en plantengeuren, waardoor hun boodschappen niet langer te ontcijferen zijn. Dat maakt het niet alleen voor planten moeilijk om te overleven, het is al even slecht nieuws voor bestuivende insecten – en daarmee ook voor ons. Het beïnvloedt immers gewasopbrengsten en de geur van bloemen. Gelukkig bestaat er een manier waarop we onze groene vrienden kunnen helpen terug te vechten.

Uniek chemisch bouquet

Het is al langer bekend dat zowel bestuivende als schadelijke insecten planten uit elkaar kunnen houden 
op basis van hun unieke chemische bouquet. Het idee dat planten deze stoffen gebruiken om onderling te communiceren, is echter nieuw. 
‘Planten verspreiden vluchtige chemische verbindingen in de lucht die veel weghebben van taaluitingen. De plant die het stofje uitstoot is de “spreker” en de plant die het oppikt en erop reageert de “luisteraar”,’ vertelt chemisch ecoloog James Blande van de Universiteit van Oost-Finland.

Veel planten waarschuwen elkaar als er schadelijke insecten in de buurt zijn. Wanneer een tomatenplant bijvoorbeeld door aardrupsen wordt belaagd, laat hij een cocktail van vluchtige 
stoffen ontsnappen die door planten in de buurt wordt opgepikt. Zodra deze tomatenplanten de waarschuwing ‘horen’, reageren ze door glycoside te produceren, dat er weer voor zorgt dat er een gifstof vrijkomt die de hongerige rupsen afschrikt. Weer andere planten-soorten roepen met hun geuren 
nuttige insecten te hulp. Wanneer sojaplanten bijvoorbeeld last hebben van bladluizen, laten ze een chemische pendant van een “inbraakalarm” klinken, dat lieveheersbeestjes aantrekt.

Maar luchtvervuiling blijkt deze communicatie te kunnen verstoren. Blande en zijn collega’s lieten hommels los in een ruimte vol papieren bloemen die precies op die van de zwarte mosterdplant leken. Toen de onderzoekers 
in deze ruimte vervolgens de geur 
verspreidden van echte zwarte 
mosterdbloemen die ofwel in een schone of in een vervuilde omgeving hadden gegroeid, liet de reactie van 
de hommels niets te raden over: ze gingen recht op de niet-vervuilde geur af, terwijl de geur van bloemen uit 
vervuilde lucht hen koud liet.