Le Desk  | Casablanca

In Marokko ontbreken openbare kleuterscholen, waardoor kinderen onder de zes jaar vaak zijn aangewezen op privéonderwijs. Dit vergroot de ongelijkheid tussen arm en rijk en tussen steden en het platteland.

Het Marokkaanse nationale onderwijsstelsel, dat tot de eenentwintig zwakste ter wereld wordt gerekend, kent geen openbare kleuterschool voor kinderen jonger dan zes jaar, hoewel die al voor 2004 was aangekondigd. Om de leemte te vullen hebben de private, verenigings- en informele sector het voortouw genomen. Driekwart van de Marokkaanse kinderen kan na afronding van de lagere school niet goed lezen, schrijven of rekenen. En toch wil die openbare kleuterschool er maar niet van komen, hoe sterk het maatschappelijk middenveld er ook op aandringt.

Het ministerie van Nationaal Onderwijs had met steun van diverse economische en sociale actoren en verenigingen een nationaal werkplan voor kinderen (2006-2015) ontwikkeld, getiteld ‘Een Marokko dat zijn kinderen verdient’ (‘Maroc digne de ses enfants’). Op het gebied van kleuteronderwijs is van vooruitgang echter nauwelijks sprake geweest. Het deelnamepercentage is onder het streefcijfer gebleven.

Met name op het platteland bleef die deelname met 41,7 procent onder de maat, zeker bij meisjes: 28,3 procent. Volgens het Marokkaanse nieuwsagentschap (MAP) lag het landelijk gemiddelde in het jaar 2013-2014 rond 64,3 procent. Het agentschap herinnerde aan een noodprogramma voor de periode tussen 2009-2012, genaamd ‘Samen de schouders eronder voor een succesvolle school’ (‘Ensemble pour l’école de la réussite’).

Bij gebrek aan openbare kleuterscholen zijn er particuliere initiatieven. De lessen zijn informeel en worden gehouden in privéwoningen, of door gelovigen in moskeeën. Het aanbod is dus ongestructureerd en ontbeert een gemeenschappelijke visie.

Informele klassen

Sidi Moumen, Casablanca. In deze wijk – een van de meest achtergestelde van Marokko – is de vereniging Umm El Ghait de afgelopen jaren met kleuteronderwijs begonnen. Braaf op hun stoeltjes gezeten, zeggen de kinderen de tafels op in het Frans. ‘We beginnen onmiddellijk met Frans,’ zegt Amal Kadiri Berrada, van Oum El Ghait, ‘want tweetaligheid is erg belangrijk om ongelijkheid te bestrijden.’ In dit gloednieuwe klaslokaal geeft Samira Benali, een gekwalificeerde onderwijzeres, op alle werkdagen van halfnegen tot halfvijf, les aan vierentwintig leerlingen van vier tot zes jaar oud.

‘Het doel van de kleuterschool is om het kind van de moederwereld naar de wereld van de school te begeleiden. Je speelt er, maar leert er vooral wat school is. Volgens mij moet je alleen maar Frans onderwijzen, omdat het kind niet kan spelen en tegelijkertijd Arabisch, Frans en soms zelfs Engels leren,’ zegt Amine Mejjari, directeur van een basisschool in Sidi Moumen.

Scholen die kouttab (ook wel m’sid) heten, bieden informele lessen op grond van ‘oorspronkelijk’ ofwel sterk op islamitische leest geschoeid onderwijs. Volgens overheidsstatistieken waren de kouttab in 2016 goed voor 60,5 procent van het kleuteronderwijs in Marokko. Op het platteland was dit percentage 71,3 procent. In de kouttab staat de islam centraal. De kinderen leren lezen en schrijven aan de hand van boekjes waarin koranverzen worden uitgelegd. Ze moeten zich die eigen maken en opzeggen.

‘Er zijn informele structuren, zoals geïmproviseerde kinderdagverblijven in sloppenwijken, maar ze hebben onvoldoende uitrusting, voldoen niet aan hygiënische normen en zijn over het algemeen overvol. Het onderwijzend personeel is ongeschoold en soms zitten er negentig kinderen in één ruimte,’ zegt Amal voor de school waar zijn vereniging lesgeeft, terwijl ouders hun kinderen komen ophalen. Voor Oujour Hssain, directeur informeel onderwijs bij het ministerie van Nationaal Onderwijs ‘is Marokko zoekende naar een voorschools model dat duurzaam is en dat de staat zou kunnen financieren. Maar eerst moet de lagere school van voldoende niveau zijn om de kleuterschool te kunnen integreren. We hebben nog een lange weg te gaan.’