360 | Amsterdam

Er zijn meerdere manieren om een gen te maken. Waarom we dan toch uit DNA bestaan, kan een louter scheikundig toeval zijn.

Niet alle leven hoeft op DNA te berusten. Dat zeggen onderzoekers die twee nieuwe 
versies van het iconische molecuul hebben gemaakt. Hun synthetische versies hebben dezelfde beroemde vorm van een dubbele helix, maar zijn ofwel iets dunner of juist dikker dan het origineel. ‘Dit veegt de vloer aan met alle regeltjes die je op school leert,’ zegt Steven Benner van de Foundation for Applied Molecular Evolution in Alachua, Florida. Het impliceert namelijk dat buitenaards leven uit alternatieve genetische moleculen kan bestaan.

In DNA liggen onze genen besloten. Die genen, die ons lichaam vertellen hoe het moet groeien, krijgt ieder kind van zijn ouders mee. De structuur van DNA werd in 1953 beschreven door James Watson en Francis Crick, met een belangrijke bijdrage van Rosalind Franklin. Watson en Crick beseften dat DNA bestaat uit twee lange strengen van nucleotiden die om elkaar heen draaien. Die twee strengen worden 
bijeengehouden door basenparen van twee aan elkaar verbonden nucleobasen, met steeds één base op elke streng. Er zijn vier soorten nucleobasen, die alleen op een specifieke manier gepaard kunnen zijn: adenine met 
thymine en guanine met cytosine. De informatie in onze genen is gecodeerd in de volgorde van die basenparen.

James Watson en Francis Crick, krakers van de DNA-code, 1959. – © Getty