Süddeutsche Zeitung  | München 

Hobbykunstenaar en selfmade visionair Wolfgang Plattner wil de woestijn weer laten bloeien en met behulp van planten het microklimaat beïnvloeden. Want tuinders moeten de wereld uiteindelijk gaan redden.

God handelt in bloemen. Zijn zaak ligt, het zal niet verbazen, aan 
de Himmelschlüsselstraße, op 
nr. 60, in Feldmoching-Hasenbergl, een noordelijke en dus zeker geen mondaine buitenwijk van München. Dat je God ontmoet in het hemelse München, klinkt aannemelijk. Maar dat zijn bedrijf – dat met zijn doodgewone kassen aan een oude tuinderij doet denken, maar in werkelijkheid de plantengroothandel G.K.R. 
is – niet in een gewilde buurt staat maar vlak bij de Hasenbergl, dat is in elk opzicht sympathiek en symbolisch.

Overigens zou Wolfgang Plattner in alle bescheidenheid waarschijnlijk opmerken dat hij noch bloemenhandelaar noch 
God is. Toch kondigt de 59-jarige ondernemer, hobbykunstenaar en selfmade visionair die als schooljongen in Moosach een zakcentje bijverdiende met de verkoop van snijbloemen, aan dat hij het in de woestijn gaat laten regenen om er 
een groot bos van te maken.

In alle bescheidenheid, uiteraard. God houdt misschien wel van ironie. Plattner glimlacht fijntjes. En toch is het grotesk klinkende idee dat de woestijn op een dag weer kan worden wat ze tweeduizend jaar terug, onder heel andere klimatologische omstandigheden was – een vruchtbaar gebied waar bomen en planten groeien – meer dan een hersenspinsel. Dertig kilometer ten westen van Cairo wil vastgoedontwikkelaar Palm Hills Development Badya City realiseren, een stad voor 150 duizend inwoners op een oppervlak van 1260 hectare, naar een ontwerp van het Frankfurter architecten- en stedenbouwkundig bureau Albert Speer und Partner (AS & P).

Het project maakt deel uit van Zes Oktober Stad. Dat is een van de vele satellietsteden die gebouwd worden ter ontlasting van het door beton- en verkeersinfarcten geteisterde Cairo, dat binnenkort tien miljoen inwoners telt. Vrijwel elke Egyptische heerser droomt over het laten bloeien van de woestijn, rondom de hoofdstad, in de delta, aan de zuidkant van de oases. Want de onbalans tussen het kleine bewoonbare oppervlak van het land en zijn exploderende bevolking wordt steeds hachelijker.

Tuin van Eden

De videoboodschap van de Duitse investeerders heeft echter haast surrealistische trekjes. Vanuit een kunsthistorisch decor wordt een stad opgeroepen die er min of meer uitziet alsof schilder Henri Rousseau als chef tuinaanleg aan de slag is gegaan in het aan de rand van het melkwegstelsel gelegen moerassige Dagobah uit Star Wars. Voor en achter elk raam of iedere deur in deze toekomstige hoofdstad van duurzaamheid, Badya City (‘The Creative City’) ligt een tuin van Eden.

Plus een splash pool à la David Hockney. Plus Eva, de vrouw in bloemengewaad, die zich midden in een jungleachtig landschap behaaglijk uitstrekt op een ligbank, ondertussen een tijger achter de oren kroelend. Waar investeerders al niet van dromen als ze in een stoffig landschap zonder schaduw een zonnesteek oplopen. Nu duiken er wel vaker plannen op voor ecosteden, waarbij steevast de hoogste gelukzaligheid wordt voorgespiegeld. Maar bijzonder aan Badya City is 
dat de suggestieve renderings worden gedragen door een zeer gedegen architectenbureau.

AS & P is niet alleen verantwoordelijk voor het stedelijk ontwerp, maar ook voor de bouw. En dus ook voor een realistisch groenvoorzieningsconcept. En hierbij zou de Himmelschlüsselstraße een rol kunnen spelen. Zou, zeggen ze bij G.K.R. bescheiden, want ze hebben deze opdracht voor vergroening van de woestijn nog niet op zak.