Forbes | New York

In Nederland komt zelfs de premier met de fiets naar zijn werk. De fiets is een nationaal symbool in ons land, schrijft Forbes, en de regering trekt er miljoenen voor uit om dat zo te houden.

De Britse premier Theresa May arriveerde op 11 december 2018 per gepantserde luxe wagen bij een ‘brexitontbijt’ in Den Haag. De Nederlandse premier Mark Rutte kwam op de fiets.

Dat was niet bedoeld als een stunt. 
De Nederlandse premier fietst geregeld naar bijeenkomsten. In 2017 werd hij gefotografeerd toen hij zijn fiets op slot zette bij Paleis Noordeinde voor hij naar binnen ging om koning Willem-Alexander te informeren over de 
formatie van een nieuwe regering. 
En die coalitieregering is, net zoals 
eerdere regeringen, enorm pro-fiets. In 2015 werkte de vorige regering samen met lokale besturen om de Tour de Force te lanceren, een initiatief met als doel het vervoer per fiets tussen 2017 en 2020 met 20 procent te laten toe-nemen. De campagne is erop gericht om het aantal ‘fietskilometers’ in ‘Fietsland’ te stimuleren.

‘De fiets is van groot belang voor ons levensonderhoud’, staat er in de introductie van de Tour de Force. ‘De fiets houdt onze binnensteden toegankelijk en leefbaar, brengt veel mensen naar hun werk, geeft plezier en ontspanning, is van belang op het platteland en om naar school, werk, winkels of de bushalte te rijden.’

De door de regering geleide campagne ging verder: ‘We moeten de fiets koesteren. Het percentage reizigers dat gebruikmaakt van de fiets is al hoog; meer dan een kwart van alle reizen gaat per fiets. En het gebruik neemt nog steeds toe, vooral in stedelijke gebieden.’

De fiets is een “symbool van onze nationale identiteit”