The Irish Times   | Dublin

De brexit moest geschiedenis schrijven. Maar er is al een geschiedenis, en die laat zich niet zomaar uitwissen.

De dag van de stemming, 15 januari, moest een historische dag worden, een van de meest epische momenten in het lange bestaan van het parlement in Westminster. Waarom voelde het dan niet zo? De presentatie door een Britse premier van een akkoord tot terugtrekking uit de Europese Unie zou veel meer indruk moeten maken. Enkele redenen waarom dat niet het geval was, liggen voor de hand: de oersaaie aanloop ernaartoe, de tragikomische chaos die de beoogde plechtigheid ondermijnde, het feit dat de onmiddellijke uitkomst van de stemming geen uiterst dramatische gevolgen zou hebben, de wetenschap dat er op dit beslissende moment eigenlijk niets werd beslist.

Maar er is sprake van een nog scherpere contradictie: de brexit probeert geschiedenis te schrijven door de geschiedenis ongedaan te maken. Zoals bij elke revolutie stelt men zich een Jaar Nul voor, een punt waarop de grote klokken van de tijd worden teruggezet naar het begin en alle ongewenste geschiedenis wordt uitgewist. In de veronderstelling van de brexitleiders en -voorstanders is de geschiedenis zowel geëindigd als begonnen op 23 juni 2016: toen kwam er voorgoed een einde aan een geschiedenis van vernedering en onderwerping, en begon er een nieuwe geschiedenis van zelfbewustzijn en bevrijding.

Laten we niet vergeten wat 15 januari voor dag had moeten zijn, wat degenen die hun land in deze situatie hebben gebracht drie jaar geleden in hun hoofd hadden. Na wat door Nigel Farage werd bejubeld als Onafhankelijkheidsdag, toen de uitslagen van het referendum bekend werden, moest die onafhankelijkheid op deze dag officieel worden uitgeroepen door het parlement. Toen ze zich het tafereel voorstelden, zagen ze waarschijnlijk een overweldigend eensgezind Lagerhuis voor zich, waarvan de leden – een paar grommende Schotten, misnoegden en verraders daargelaten – opsprongen en, terwijl de tranen over hun wangen stroomden, geestdriftig in koor Rule Britannia zongen. Zo word je geacht geschiedenis te schrijven.

Met zichzelf in tegenspraak

Er zijn echter twee problemen. Het ene is dat de brexit, zoals met alles, met zichzelf in tegenspraak is wat zijn kijk op de geschiedenis betreft. Enerzijds wordt er een revolutionaire breuk met het verleden voorgesteld. Anderzijds werd de brexit in het leven geroepen door het woord ‘terug’, als in: de Controle Terugveroveren. De brexit is niet alleen een vorm van nostalgie, maar ook van pseudogeschiedenis. Het is een oude snuisterijenwinkel vol nepantiek: de geest van Duinkerke, de geest van de Blitzkrieg, de Slag bij Azincourt, Hendrik VIII, Winston Churchill, de Spaanse Armada… Als je naar de vurige voorstanders van een vertrek luistert, zeggen ze niet dat ze ervan overtuigd zijn dat een no deal-brexit iets positiefs is, maar dat de Engelsen zich door het leed heen zullen slaan, omdat ze dat altijd hebben gedaan.

Vijftig jaar geleden vatte de Schotse dichter Douglas Dunn de vreemde nadagen van deze geschiedenis van constante herrijzenis op angstaanjagende – en visionaire – wijze samen in A Poem in Praise of the British: ‘De archivaris draagt een zwaard en een bijgepunte snor/ Hij archiveert onze herinneringen, kostbaarder dan licht/ Om gemakkelijk toegankelijk te zijn voor politici van Rechts/ Die nu slapen, als begrafenisondernemers op zwarte kussens/ Denkend aan opzwepende toespraken en de aanbiddende menigte…’

Het andere probleem is natuurlijk dat de geschiedenis nooit terzijde kan worden geschoven. Men kan er misschien boven uitstijgen, wat we in Ierland hebben geprobeerd. Maar ze kan niet worden uitgewist. In de verbeelding van de brexiteers zal de reusachtige Britse ballon opstijgen wanneer de touwen die hem met de geschiedenis verbinden worden losgemaakt en de complicaties van het recente verleden als zandzakken overboord worden gegooid. Omhoog, omhoog en weg! Zwevend boven de afgelopen 46 jaar, waarin Groot-Brittannië niet meer was dan een doorsnee-Europees land, tot in de blauwe hemelen van een uitzonderlijke bestemming.