New Zealand Herald / The Conversation / 360

De Nieuw-Zeelandse regering van Jacinda Ardern heeft onlangs een budget gepresenteerd dat ‘voorrang geeft aan het welzijn’ van de bevolking. Gaat het hier om een werkelijke omslag?

JA

Politici moeten hun woorden op een goudschaaltje wegen. Kiezers en journalisten houden je eraan en je loopt altijd de kans dat je dingen zegt die je niet waar kunt maken. Dat geldt helemaal voor politici met een reputatie van eerlijkheid en authenticiteit.

De Nieuw-Zeelandse premier Jacinda Ardern heeft zichzelf opgezadeld met het woord ‘transformatie’. En ook het begrip ‘welzijnsbegroting’ wekt grote verwachtingen. Deels lost de welzijnsbegroting de verwachtingen daadwerkelijk in. Minister van Financiën Grant Robertson kan met recht zeggen, zoals hij in zijn verantwoordingsspeech deed, dat zijn regering ‘geen genoegen neemt met de status quo’. Het belangrijkste aan de Nieuw-Zeelandse welzijnsbenadering is dat het bbp als maatstaf van beleidssucces is losgelaten en plaatsmaakt voor een meerdimensionaal systeem van levensstandaarden.

Een agenda die transformatie beoogt, zoekt de oorsprong van problemen in de huidige structuur van de maatschappij. Dat vereist meer dan het dominante systeem op punten aanpassen; het systeem zelf moet op de schop. Voor die laatste, beslissende stap mist de welzijnsbegroting echter de ambitie. Neem bijvoorbeeld de investering van 455 miljoen Nieuw-Zeelandse dollar [267 miljoen euro] (over vier jaar) in een nieuwe dienst van de geestelijke gezondheidszorg. Op zich is die van levensbelang voor mensen die er behoefte aan hebben. De sociaaleconomische en historische oorzaken van de stress en misère waar veel mensen in leven, worden er niet mee aangepakt.

Het belangrijkste aan de Nieuw-Zeelandse welzijnsbenadering is dat het bbp als maatstaf van beleidssucces is losgelaten en plaatsmaakt voor een meerdimensionaal systeem van levensstandaarden