Novosti  | Zagreb

Terwijl de oppositie premier Rama van corruptie en het uitblijven van hervormingen beschuldigt, verwijten de studenten hem zijn ongebreidelde liberalisme.

Op de weg van Shkodër en Krujë naar Tirana wemelt het van de politiemensen in verschillende uniformen. Ze bezetten om de vijf kilometer een controlepost. Een in een zwart uniform gestoken agent die op zijn buik in de wegberm ligt heeft de auto’s in het vizier van zijn machinepistool. Maar als je de buitenwijk van Tirana binnenrijdt, heerst er chaos: geen enkele vorm van verkeersregeling, vervallen infrastructuur, gaten in het wegdek, bundels elektriciteitskabels die uit het lood boven de straten hangen, waterreservoirs op de daken van huizen.

Er zijn maar weinig plekken, althans in Europa, waar het contrast tussen het centrum en de periferie van een stad zo duidelijk is. Hoe meer je het hart van de hoofdstad nadert, des te ordelijker de straten, des te verzorgder de groenvoorzieningen, des te schoner de gevels, om nog maar te zwijgen van de winkels en restaurants die elkaar naar de kroon steken qua glitter en glamour. Opvallend is het aantal wisselkantoren en bruidswinkels. De Albanese bevolking is jong en trouw aan het huwelijk. Maar we zijn niet naar Tirana gekomen voor de winkels of een bruiloft, maar om de protesten te peilen die het land op zijn grondvesten doen schudden.

Al maandenlang wordt Edi Rama, de huidige socialistische premier en voormalige burgemeester van Tirana, op de korrel genomen door de oppositie, na eerst de kop-van-jut van de studenten en arbeiders te zijn geweest. Hij wordt beschuldigd van corruptie en krijgt het verwijt dat hij geen hervormingen doorvoert. Eind 2018 hebben de studenten de grootste betoging uit de geschiedenis van het land georganiseerd. Sindsdien gaan de mensen regelmatig de straat op.

© Courrier International