Neue Zürcher Zeitung  | Zürich

Het aantal internetshutdowns op bevel van regeringen is de afgelopen drie jaar wereldwijd enorm gestegen. Bij protesten, verkiezingen of ongeregeldheden wordt het systeem eenvoudigweg plat gelegd. Meestal zonder succes.

Begin juni bestormden veiligheidstroepen het plein voor het militaire hoofdkwartier in Khartoem. Ze openden het vuur op demonstranten die al wekenlang in de Soedanese hoofdstad bijeenkwamen en de overgang naar een burgerregering eisten, en doodden meer dan honderd mensen. Bijna tegelijkertijd blokkeerden meerdere telecombedrijven de toegang tot het mobiele internet. In de dagen erna, toen berichten over het aantal doden en over verdere on-geregeldheden naar buiten kwamen, liet het leger de toegang tot het internet in het hele land zo goed als volledig afsluiten. Het was niet meer mogelijk om online van de gebeurtenissen op de hoogte te blijven of uit te vinden in welke delen van de hoofdstad je beter niet kon komen.

Het optreden van de Soedanese militaire regering is slechts een van de vele recente voorbeelden. Of het nu in Venezuela, India, Congo of Sri Lanka is, regelmatig laten regeringen de toegang tot internet of tot sociale media afsluiten. Volgens de organisatie Access Now, die door regeringen opgelegde internetblokkades documenteert, is het aantal shutdowns in de afgelopen drie jaar sterk gestegen. In 2018 werd 194 keer op bevel van een regering de toegang tot internet of sociale media in het hele land of in bepaalde regio’s afgesloten. Dat is ruim twee keer zoveel als twee jaar daarvoor.

In [juni] 2019 heeft Access Now al 112 uitschakelingen geregistreerd. ‘Tot het eind van dit jaar houden we rekening met meer dan tweehonderd gevallen,’ zegt Berhan Taye, een medewerker van de organisatie. Het vaakst komen de blokkades voor in Azië en Afrika. Het land dat de meeste internetblokkades op zijn naam heeft, is India. In de grootste democratie van de wereld lieten de autoriteiten het afgelopen jaar meer dan 130 keer de internettoegang in afzonderlijke deelstaten of op lokaal niveau afsluiten.

Controle-instrument

Regeringen rechtvaardigen de bevolen afsluitingen vaak met het argument dat ze daarmee de openbare orde handhaven en geweldsescalaties voorkomen. Maar in veel landen hebben de internetblokkades zich vooral ontwikkeld tot een geliefd instrument om volksprotesten te smoren en onwelgevallige critici tot zwijgen te brengen. ‘Met welke aanleiding ze ook worden verordend, internetafsluitingen zijn er altijd op uit om publieke debatten en de publieke opinie te controleren,’ zegt Alp Toker van Netblocks, een ngo die wereldwijd netblokkades registreert.

In Soedan, waar duizenden mensen vanaf december 2018 demonstreerden voor het aftreden van dictator Omar al-Bashir, liet het regime maandenlang regelmatig de toegang tot sociale media afsluiten. Toen het leger Bashir begin april uit zijn ambt zette, schakelde het het internet zo goed als compleet uit. In Zimbabwe sloten de autoriteiten in januari de toegang tot het internet af tijdens protesten tegen de verhoging van de benzineprijzen. En in Venezuela werd de toegang tot meerdere streamingwebsites vaak geblokkeerd op het moment dat de oppositieleider Juan Guaidó een persconferentie hield.

Soms vallen de shutdowns ook samen met verkiezingen. In Congo werd de toegang tot internet na de presidentsverkiezingen van eind december in grote delen van het land afgesloten – officieel om de verspreiding van valse uitslagen tegen te gaan. Voor de oppositie duidde de blokkade echter op manipulatie van de verkiezingsuitslagen.