The Guardian  | Londen

Charedim, ultraorthodoxe joden die zich lange tijd afzijdig hebben gehouden van de seculiere maatschappij, gaan in steeds grotere getale naar de bioscoop – ook mensen die nooit eerder een film hebben gezien.

‘We rechtvaardigen het feit dat we films maken vanuit de gedachte dat dit de manier is waarop de huidige generatie zich uit,’ aldus Eitan Alpert, chief executive en voormalig student aan Torat HaChaim, een ultraorthodoxe filmacademie in Israël. ‘Tweehonderd jaar geleden deed men dat door middel van het vertellen van verhalen, vandaag de dag door middel van film.’ 

Ultraorthodoxe joden, of charedim, herkenbaar aan hun uiterlijk – de mannen in zwart pak en met een baard en peies (lange bakkebaarden) en vrouwen in conservatieve kledij en met een pruik – zullen niet snel worden geassocieerd met cineasten. Sterker nog, charedim – een Hebreeuws woord dat letterlijk betekent ‘zij die sidderen voor het woord Gods’ en waar veel verschillende ultraorthodoxe joodse groeperingen onder vallen – hebben de neiging de seculiere samenleving de rug toe te keren omdat zij die zien als een bedreiging van hun traditionele manier van leven. In de regel lijken ze zich verre te willen houden van film en televisie, wat het des te opmerkelijker maakt dat sommigen al enige tijd met veel toewijding films maken, die zowel een religieus als een seculier publiek aanspreken.

Er zijn regels: de films moeten zich houden aan de halacha, de joodse geloofswetten, waaronder de regels van tzniut, die betrekking hebben op kuisheid. Mannen en vrouwen kunnen zich samen op de set vertonen maar aanraken, zingen, dansen, seks, geweld, vloeken of naaktheid zijn verboden, en scènes met vrouwelijke acteurs worden vaak geregisseerd door een vrouw. Op de sabbat en op joodse feestdagen wordt er niet gewerkt. De films zijn heel verschillend, variërend van documentaires over het judaïsme en allerlei religieuze kwesties tot films over meer universele thema’s als het gezin, relaties en identiteit – al wordt alles bezien door het prisma van het chassidische bestaan. 

Ultraorthodoxe filmacademie

Torat HaChaim is een van de weinige plekken waar chassidische joden een opleiding tot cineast kunnen volgen. Het instituut is opgericht in 2005 en was oorspronkelijk gesitueerd in de Gush Katif-nederzetting in de Gazastrook, maar nadat Israël zich had teruggetrokken uit dat deel van de bezette gebieden, verhuisde Torat HaChaim naar Yad Binyamin, een religieuze gemeenschap in het midden van het land. Er zijn momenteel net iets meer dan honderd studenten, ongeveer evenveel mannen als vrouwen – die gescheiden les krijgen. Het lesmateriaal is ‘schoon’, dat wil zeggen dat er filmfragmenten worden gebruikt waar alle onbetamelijke scènes uit zijn geknipt. ‘We nemen ultraorthodoxe studenten aan die gewijde films willen maken en we leren ze luisteren naar hun ziel en films maken vanuit een diepe verbondenheid met God,’ zegt Alpert.

Ori Gruder is een Israëlische charedi-cineast die momenteel werkt aan de eerste Israëlische realityshow waarin ultraorthodoxe acteurs spelen.

Hij is vooral bekend als de regisseur van Sacred Sperm, een documentaire over masturbatie, een onderwerp dat – in ultraorthodoxe kringen – taboe is. Volgens Gruder moeten charedi-rabbijnen hun houding ten aanzien van de media bijstellen. ‘Film en televisie worden beschouwd als extreem zondig en worden wel aangeduid als “de andere kant”. Maar de rabbijnen weten ook dat ze niet om films heen kunnen en dat dit krachtige medium ook ten goede kan worden ingezet. Vandaar dat charedim de afgelopen tien, twintig jaar zelf films zijn gaan maken.’

Ook het gebruik van technologie door religieuze jongeren heeft bijgedragen aan een gedragsverandering. ‘Ze staan meer open voor de moderne wereld dan hun ouders,’ zegt Gruder. ‘Misschien gaan ze niet naar de bioscoop maar dankzij internet kunnen ze de films op hun mobieltje bekijken.’