Nautilus | New York

Bomen kunnen met elkaar communiceren, dragen zorg voor hun nageslacht en raken gestrest. Een gesprek met wetenschapper Suzanne Simard, die onderzoek doet naar de intelligentie van planten.

Kijk naar een bos: je ziet natuurlijk de stammen, en het bladerdek. Steken er een paar wortels kunstig boven de grond en de gevallen bladeren uit, dan zie je die ook, maar je staat nauwelijks stil bij een ondergrondse voedingsbodem die zich misschien wel even dik en ver uitstrekt als de takken boven je hoofd. Fungi worden al helemaal niet opgemerkt, op her en der wat paddenstoelen na; die worden afzonderlijk waargenomen, in plaats van als de uitbottende toppen van een onmetelijk ondergronds raamwerk dat is vervlochten met die wortels. De wereld onder de grond is even rijk als die erboven.

De afgelopen twee decennia heeft Suzanne Simard, hoogleraar aan de faculteit Bosbeheer van de Universiteit van British Columbia, die veronachtzaamde onderwereld bestudeerd. Ze is gespecialiseerd in mycorrhiza’s, de symbiotische verbindingen tussen fungi en wortels die planten helpen voedingsstoffen uit de bodem te absorberen. Na baanbrekende experimenten waaruit bleek hoe koolstof heen en weer stroomt tussen papierberk en douglasspar, ontdekte Simard dat mycorrhiza’s bomen niet alleen met de aarde verbinden, maar ook met elkaar.

Vervolgens toonde Simard aan hoe door mycorrhiza’s verbonden bomen netwerken vormen, met individuen die ze moederbomen noemt in het centrum van gemeenschappen die ook weer met elkaar verbonden zijn en voedingsstoffen en water uitwisselen via een letterlijk pulserend netwerk dat niet alleen bomen omvat maar al het leven in het bos. Deze ontdekkingen hadden ingrijpende gevolgen voor ons begrip van de ecologie van het bos, maar het was nog maar het begin.

Het zijn niet alleen maar voedings-stromen die Simard beschrijft. Het is een vorm van communicatie. Zij – en ook andere wetenschappers die wortels bestuderen, evenals de chemische signalen die planten afgeven en zelfs de geluiden ze maken – hebben bij hun bestudering van planten de factor intelligentie betrokken. In plaats van als biologische automaten zouden we planten kunnen zien als schepsels met capaciteiten die bij dieren zonder meer als leren, herinnering, besluitvorming en zelfs daadkracht worden beschouwd.

Dat is misschien moeilijk voorstelbaar. Planten worden niet geacht slim te zijn, althans niet volgens het traditionele westerse denken. Je kunt ook zeggen dat, hoewel deze gedragingen inderdaad heel bijzonder zijn, ze niet naadloos passen in wat mensen gewoonlijk onder leren en herinnering en communicatie verstaan. Misschien lopen we wanneer we het planten-gedrag volgens onze eigen beperkte opvattingen proberen te definiëren wel het risico de unieke kant van hun intelligentie over het hoofd te zien.

Het is een veelzijdige en fascinerende discussie, die nog heel wat onderzoek vereist, onderzoek waarbij rekening zal moeten worden gehouden met het feit dat planten een geestelijk leven hebben. In haar werkkamer op de Universiteit van British Columbia sprak Simard met Nautilus over de perspectieven van haar werk.

Kunt u bij wijze van aftrap iets vertellen over de ‘wortelbreinhypothese’ van Charles en Francis Darwin?

Achter een groeiende worteltop zit een groep differentiërende cellen. Darwin dacht dat die cellen bepaalden hoe de wortels zouden groeien en waar ze naar voedsel zouden zoeken. Hij dacht dat het gedrag van een plant in wezen werd gestuurd door wat er in die cellen gebeurde. In het werk dat anderen en ik hebben gedaan – het onderzoeken van familierelaties tussen individuele planten, hoe ze elkaar herkennen en met elkaar communiceren – spelen de wortels ook een rol. Alleen weten we nu meer dan Darwin; we weten dat alle planten, op een handjevol families na, mycorrhizaal zijn: het gedrag van hun wortels wordt gestuurd door symbiose. Het gedrag van de wortel wordt niet alleen bepaald door de cellen in de top van de plantenwortel, maar ook door de interactie daarvan met fungi. Darwin was iets op het spoor. Hij had alleen nog niet het hele plaatje. En ik ben tot de conclusie gekomen dat wortelstelsels en de mycorrhizale netwerken waardoor die stelsels verbonden worden, zijn opgezet als zenuwnetwerken en zich als zodanig gedragen, en een zenuwnetwerk is de kiem van de intelligentie in ons brein.