Bloomberg | New York

In een historische wijk van Riyad wandelen stelletjes langs verlichte palmbomen, op weg naar een copieus diner, misschien wel naar een Wagyu-biefstuk van 100 euro.

Bij een getrouwe kopie van Carbone, het Italiaanse sterrenrestaurant in New York, bestellen gasten Wagyu-biefstukken voor 500 riyal (zo’n 100 euro), iets meer dan het minimumbedrag dat je moet uitgeven om hier een plek te krijgen, die je dan wel weken van tevoren moet reserveren. Muzikanten spelen in geparfumeerde binnentuinen en vrouwen in golfkarretjes rijden klanten naar een keur aan pop-uprestaurants van over de hele wereld.

Deze avond aan het eind van Riyadh Season, een door de overheid gesponsord festival met culinaire attracties, concerten, sportevenementen en straatfeesten, laat zien welke kant kroonprins Mohammed bin Salman met zijn koninkrijk op wil. Sinds hij de facto leider van zijn land is, probeert hij de reputatie daarvan als ultraconservatieve, op olie drijvende islamitische staat te verzachten, met historische beslissingen om de beperkingen op livemuziek, film en kleding te versoepelen en het land meer open te stellen voor buitenlandse toeristen. 

Maar de extravagantie, en het debat dat daarmee is opgeroepen, toont ook de dubbele uitdaging voor de autoriteiten, die willen dat deze veranderingen in brede kring worden gedragen: ze moeten voorkomen dat de minder-rijken zich buitengesloten voelen met al dat voor hen veel te dure vermaak; en ze moeten zorgen dat die minder-rijken rijker worden, zodat ze met hun uitgaven het ontluikende economische herstel kunnen aandrijven.

Have-nots

Het nieuwe amusement trok een groot publiek, maar er waren ook veel mensen die zich ervan afkeerden: de ‘have-nots’, volgens Saad Albazei, hoogleraar literatuur en voormalig lid van de conservatieve Sjoera-raad. Hij ondersteunt het transformatieplan van de kroonprins, maar is bang dat de hoge prijzen van sommige nieuwe evenementen mensen zullen buitensluiten.

Op dit moment zijn de consumentenuitgaven bezig zich te herstellen, na een teruggang vanaf 2014, toen de daling van de olieprijzen de regering dwong om genereuze subsidies te beperken en de economie vertraagde, waardoor de Saoedi’s op de kleintjes gingen letten.

Regeringsfunctionarissen hebben onlangs gezegd dat ze de overheidsuitgaven willen beperken en private investeringen voorrang willen geven. In het derde kwartaal van vorig jaar is de niet-olie-economie met 4,3 procent gegroeid, en dat is de snelste groei sinds 2014.

Riyadh Season is onderdeel van die strategie. Het festival heeft vanaf half oktober tot eind december een miljard riyal opgebracht en 10 miljoen bezoekers getrokken, maar het heeft de overheid geen winst opgeleverd.