The National Interest  | Washington

Het coronavirus, schrijft de gerenommeerde Amerikaanse beschouwer van de wereldpolitiek Robert D. Kaplan, is de grootste geopolitieke gebeurtenis sinds de recessie van 2008. Het vormt een bedreiging voor de reputatie en uiteindelijk misschien zelfs voor de overlevingskansen van bepaalde regimes.

Laat de naam Malthus vallen en je kunt een storm van protest verwachten. De media-elite, stevig verschanst in zijn stedelijke cocon ver van de natuur, mag het Essay on the Principle of Population (1798) van de Engelsman Thomas Robert Malthus graag afdoen als een grote vergissing. En toegegeven, zijn specifieke voorspelling – dat de lineaire groei van de voedselproductie zou achterblijven bij de exponentiële groei van de bevolking – is nooit uitgekomen, omdat de mens met al zijn vernuft een exponentiële groei van de voedselproductie wist te bewerkstelligen.

Maar Malthus heeft de hedendaagse politieke filosofie een onschatbare dienst bewezen door daarin het idee van het ecosysteem te introduceren. Hij beschouwde de mens als een biologische soort die niet vrij is van de invloeden van zijn natuurlijke omgeving en alle complexiteiten die hem op aarde omringen. Malthus dacht na over de politieke gevolgen van zaken als ziekte en hongersnood, en over de belabberde levenskwaliteit van de arme verstedelijkte klasse. Misschien is de reden dat zijn theorie wordt afgedaan als een vergissing wel de knagende angst dat hij het ergens, op een dieper niveau, toch bij het rechte eind had.

Overbevolkt

De gedachte dat de wereld overbevolkt is, is een gevaarlijk waardeoordeel. Mensen moeten zelf weten of ze kinderen willen krijgen. Daar gaat het mij niet om. Maar ik ben er wel van overtuigd dat een grotere wereldbevolking een andere en potentieel gevaarlijke geopolitieke dynamiek zal opleveren.

Het is waar dat het menselijk vernuft uiteindelijk voor elk tekort aan middelen een oplossing vindt. Maar die komt vaak te laat om grote politieke omwentelingen te voorkomen. De geschiedenis van de aarde en van de mensheid is geen rimpelloos proces geweest. Waterschaarste en woestijnvorming vormen het ecologische decor waartegen de Arabische Lente en de oorlog in Jemen zich afspelen. De bevolkingsgroei vlakt relatief gezien af, waardoor de planeet nu vergrijst, maar in absolute aantallen groeit de bevolking nog wel, wat de laatste tijd vooral tot uiting kwam in de toename van het aantal jonge mannen in minder stabiele naties – de motor achter politieke omwentelingen.

Malthus staat bekend om zijn inschattingsfout op één specifiek punt, maar zijn inzicht in het verband tussen bevolkingsomvang en schaarste is bijzonder relevant voor onze tijd. Ik voelde dat al aankomen toen ik in februari 1994 in The Atlantic schreef dat natuur en milieu ‘hét nationaleveiligheidsvraagstuk’ van de eenentwintigste eeuw zouden worden.

In deze neomalthusiaanse wereld zal de rivaliteit tussen de grootmachten China, Rusland en de VS niet langer de grootste aanjager van mondiale wanorde zijn, maar slechts een van de interactieve elementen in dat proces. De natuur speelt nu een andere rol dan in de tijd van de Koude Oorlog.