Die Zeit  | Hamburg 

Het mislukken van de Turkije-deal legt de achilleshiel van het Europese migratiebeleid bloot: de lidstaten hebben geen gemeenschappelijk idee hoe ze met vluchtelingen willen omgaan, aldus Die Zeit-redacteur Lenz Jacobsen. Zonder steun van Europa kan Griekenland niet anders dan de grenzen gesloten houden.

Eén zinnetje is de afgelopen jaren uitgegroeid tot een mantra van een CDU in verwarring en van het Duitse vluchtelingenbeleid: ‘2015 mag, kan en zal zich niet herhalen.’ Zo formuleerde Angela Merkel het in 2016 voor het eerst.

Het zinnetje was enerzijds makkelijk en onbeduidend, omdat geschiedenis zich niet herhaalt, en de bijzondere situatie van 2015 al helemaal niet. 2015 was uniek, maar 2020 is dat ook. Aan de andere kant was het zinnetje te sterk aangezet, omdat het een politieke sturing impliceerde die er niet is: vluchtelingenbewegingen laten zich niet inperken vanuit de Duitse Bondskanselarij. Wat het zinnetje echter terecht signaleerde, is dat we ons op alle realistische scenario’s moesten voorbereiden, en wel – ook dat hoorde bij de mantra – samen met de andere landen van de EU.

Waarom lijkt de EU nu dan toch nagenoeg onvoorbereid te zijn? En welke rechtstreekse gevolgen heeft dat aan de Turks-Griekse grens?

Overdramatisering

Zolang de EU geen antwoord heeft, kunnen de Turkse en de Griekse regering hun versie van de feiten geven. Beide profiteren van een overdramatisering. De Turkse president Erdogan buldert dat hij ‘de poorten heeft opengezet’, terwijl die poorten aan de Griekse kant nog altijd dicht zijn. Volgens de Turkse propaganda hebben niet slechts enkele tientallen mensen de grens weten te passeren, maar tienduizenden. Zo probeert de Turkse regering de mensen richting Europa te drijven.

Op haar beurt slaat de conservatieve Griekse regering om twee redenen zeer luidruchtig alarm. In de binnenlandse politiek profileert ze zich met een harde koers in het migratiebeleid, waartoe ook de huidige, een maand durende opschorting van het asielrecht behoort. Hoe dramatischer de situatie aan de grens lijkt, des te eenvoudiger drastische maatregelen zijn door te voeren. Het stemvolume helpt de regering ook naar buiten toe: hoe harder de verantwoordelijken in Athene roepen, des te groter de druk op de andere Europese landen om hen te helpen.

Mensenmassa’s die oprukken tot de Griekse grensafzettingen, de traangaspatronen en de stenen die door de lucht vliegen, boten met vluchtelingen die in de havens van Lesbos bij het aanleggen worden gehinderd: het schrikt allemaal af. Dat zijn nou net die ‘afschuwelijke beelden’ waarvan AfD-politicus Alexander Gauland al jaren zegt dat we die eens moeten weerstaan. In onschuldigere vorm heeft vooral Griekenland in de afgelopen maanden al bewust dergelijke boodschappen afgegeven, door opdracht te geven voor een drijvende muur in de Middellandse Zee en door nieuwe, afgesloten kampen op de eilanden te laten bouwen.