Letras Libres  | Mexico-Stad

De progressieve oppositie kijkt verdwaasd naar de opkomst van een conservatieve beweging die, met Jair Bolsonaro aan het hoofd, het land richting de heerschappijtheologie duwt. Is de afbraak van de seculiere democratische rechtsstaat nog te stoppen?

Een aantal weken geleden werd het Braziliaanse publieke domein opnieuw opgeschud door een incident. Het maakte deel uit van een continue reeks incidenten die een nieuwe politiek-culturele wind doet waaien in Brazilië en die de grens van wat je in dit Latijns-Amerikaanse land wel of niet mag zeggen steeds verder richting de afgrond verlegt.

Geflankeerd door zijn minister van Onderwijs en zijn staatssecretaris van Cultuur kondigde president Jair Messias Bolsonaro in zijn wekelijkse, live op zijn YouTube-kanaal uitgezonden toespraak – voor de zoveelste keer – het begin van een nieuw tijdperk aan. ‘Eindelijk,’ zei hij, ‘keert ons land terug naar zijn authentieke wortels: God, vaderland en gezin.

Ettelijke minuten later kwam de staatssecretaris van Cultuur, de toneelregisseur Roberto Alvim, met een persoonlijke videoboodschap waarin het decor en zijn manier van gebaren en spreken een exacte kopie waren van een legendarisch optreden van Joseph Goebbels in 1933; op de achtergrond klonk de ouverture van Richard Wagners opera Lohengrin. Nadat hij het speerpunt van zijn nieuwe beleid had aangekondigd – ‘nationale cultuurprijzen’ voor kunstwerken die draaiden om de eerdergenoemde ‘fundamentele waarden’, met opera en beeldhouwkunst als belangrijkste kunstdisciplines – sloot Alvim zijn boodschap af met een bewering die helemaal in de trant was van zijn nazivoorbeeld: ‘De Braziliaanse kunst van het komende decennium zal heroïsch en heldhaftig zijn, zal emotioneel sterk raken, zal diep verbonden zijn met de broodnodige ambities van ons volk; dát en anders niet.’ 

Gelovigen luisteren op 15 februari 2020, de veertigste verjaardag van de kerk Igreja Internacional da Graça de Deus, naar een toespraak van president Jair Bolsonaro. © Lea Correa / AP Photo