Al-Modon  | Beiroet

Turkije probeert zich te mengen in Libanese aangelegenheden, op het gevaar af daarmee de haat tussen diverse facties aan te wakkeren. De Libanese krant Al-Modon vreest Erdogans Ottomaanse droom.

Praten over Turkse invloed in Libanon is niet langer pure speculatie. Kijk maar wat er gebeurt wanneer Libanese Armeniërs het beleid van Ankara en Erdogan aan de kaak stellen. Dan komen er meteen hele menigten met rode vlaggen (de nationale kleur van Turkije) Erdogan verdedigen en het Ottomaanse erfgoed verheerlijken.

De Armeniërs van Libanon stammen grotendeels af van overlevenden van de genocide die werd gepleegd door het Ottomaanse Sultanaat. Mannen en vrouwen die vluchtten uit hun in brand gestoken dorpen en te voet naar Libanon trokken om daar een nieuw leven te beginnen.

De vijandige houding in Libanon jegens de Armeniërs heeft vooral de kop opgestoken sinds Erdogans eerste reis naar Beiroet, in november 2010. Dat bezoek luidde een beleid in om ‘Turkse minderheden’ in Libanon cultureel te steunen, teneinde nostalgie naar het Ottomaanse Rijk te bevorderen. Een Armeniër kan zich echter bezwaarlijk achter de opvatting scharen dat het leven onder het bewind van de sultan beter was dan nu.

Het Turkse beïnvloedingsbeleid stoelt op etnische en ideologische factoren. Het etnische element wordt vooral gevormd door de Turkmeense minderheid. Deze Turkssprekenden wonen in Centraal-Azië, en verspreid over het Midden-Oosten. In Libanon zijn ze vooral in het noorden en in het oosten (de Bekavallei) te vinden.

Culturele invloed

Turkije heeft de afgelopen jaren flink in deze gebieden geïnvesteerd, hetzij met ontwikkelingsprojecten, hetzij door culturele workshops en lezingen over de Ottomaanse geschiedenis aan universiteiten te financieren. Studenten die aan dergelijke activiteiten deelnemen, spelen vervolgens een prominente rol als het erom gaat Turkije te verdedigen en zijn president van kritiek te vrijwaren.

Ankara heeft ook de culturele banden met een aantal Libanese families van Turkse afkomst aangehaald. Deze stammen niet noodzakelijkerwijs uit het voormalige Ottomaanse Rijk, maar uit bijvoorbeeld Kreta. Turkije heeft zich de afgelopen jaren zeer actief ingelaten met deze families. Zo heeft het hun – en de Turkmenen – de mogelijkheid geboden de Turkse nationaliteit aan te vragen. Aldus hebben 10.000 Libanezen een Turks paspoort verkregen. Om precies te zijn 9653, volgens de statistieken van 2019. En dan zijn er nog eens 17.945 verzoeken in behandeling. Nu is er wéér een naturalisatiegolf in aantocht: Turkije wil, aldus de Turkse minister van Buitenlandse Zaken Mevlüt Cavusoglu in augustus, een nieuwe lichting Libanese Turkmenen naturaliseren.

Dan het ideologische element. Turkije steunt het islamisme – de militante stroming die een politieke rol opeist voor de islam – en financiert een netwerk van verenigingen die zich in de invloedssfeer bevinden van de Al-Jama’a al-Islamiyya, de Libanese tak van de Moslimbroederschap. De Moslimbroederschap is de belangrijkste islamistische beweging in het Midden-Oosten en Noord-Afrika. De banden zijn fijn vertakt, zij het niet zo innig als die van Hezbollah met Iran. Men kan zich hoe dan ook niet aan de indruk onttrekken dat Turkije deze verenigingen ooit wil gebruiken om een ​​politieke rol te spelen in en via de Libanese Moslimbroederschap.

Hoewel de Turkse president zich bewust is van de sympathie die hij geniet bij soennieten, heeft hij zich nog niet gewaagd aan rechtstreekse inmenging in de Libanese politiek. Voorlopig stelt hij zich tevreden met het ondersteunen van ontwikkelingsprojecten. Zo heeft hij een Turks ziekenhuis in de zuidelijke stad Saïda geopend en zijn er plannen voor een universiteit in het noorden van het land. Of het hierbij zal blijven is zeer de vraag.