L’Orient-Le Jour | Beiroet

Libanon heeft veel geïnvesteerd in de landbouw om de groeiende bevolking in voedsel te voorzien. Het land heeft zo’n 1,5 miljoen Syrische vluchtelingen opgevangen. Vooral plaatselijke injecties kassen en de teelt van groenten en aardappelen hebben gezorgd voor meer inkomsten en werkgelegenheid.

Op een moment dat de corrupte en incompetente politieke elite de financiële en bancaire sector van Libanon heeft doen instorten, waardoor het land failliet is en een groot deel van de bevolking verstoken is van voedsel en de meest basale voorzieningen, heeft onderzoek naar een duurzaam economisch model de hoogste prioriteit. En een nieuwe kijk op de Libanese landbouw is daarbij van wezenlijk belang.

Al bijna een decennium lang heeft Libanon de grootste moeite om de voedselzekerheid van zijn bevolking te waarborgen, het gevolg van twee opeenvolgende crises, die overigens verschillende implicaties hebben gehad. Om te beginnen is de vraag naar voedingsmiddelen sterk toegenomen door de crisis in Syrië, die in 2011 begon en inmiddels voor een toestroom van anderhalf miljoen vluchtelingen heeft gezorgd. Maar deze extra druk op de voedselvoorziening heeft ook een positief gevolg gehad: om aan de toenemende vraag naar voedsel te voldoen, hebben de Libanezen steeds meer in de landbouw geïnvesteerd, met name in kassen en de teelt van groenten en aardappelen.

Deze plaatselijke investeringen hebben voor nieuwe inkomsten gezorgd en de Syrische vluchtelingen aan werk geholpen. Ondanks een gebrek aan planning en politieke visie (een constante sinds het eind van de burgeroorlog) heeft de Libanese landbouwsector een antwoord weten te vinden op de problemen op het gebied van voedselzekerheid, voor een zekere mate van sociale stabiliteit gezorgd en het platteland veerkracht gegeven.

Mogelijke instorting

De voedselveiligheid van de Libanezen en de Syrische vluchtelingen wordt onmiskenbaar bedreigd door de financiële crisis en de val van het Libanese pond, vorig jaar. Tussen oktober 2019 en oktober 2020 is de consumentenprijsindex met 140 procent gestegen, terwijl de prijzen van voedingsmiddelen met een factor vier zijn vermenigvuldigd.

Toch heeft een onderzoek dat we afgelopen september deden bij een grote supermarktketen ons geleerd dat ondanks deze prijsstijging de consumptie van versproducten zoals aardappels, tomaten en komkommers stabiel is gebleven ten opzichte van 2018 en 2019, in tegenstelling tot de consumptie van verwerkte producten. Maar daar blijkt alleen uit in hoeverre de stedelijke middenklasse de crisis financieel het hoofd weet te bieden, in een land waar volgens een schatting van de Wereldbank respectievelijk 45 procent en 22 procent van de huishoudens arm en extreem arm is. Bijna een kwart van die extreem arme Libanese huishoudens slaat een maaltijd per dag over.