The Guardian | Londen

In de VS komen elke dag tien mensen om door verdrinking, in meren, rivieren, zwembaden, de oceaan. Gene en Sandy Ralston, een gepensioneerd echtpaar, helpt bij het zoeken van de lichamen. Ze worden zowel door de FBI als door wanhopige families benaderd, van wie ze alleen een reiskostenvergoeding vragen. Hun zoektochten bestaan vaak uit lange periodes van verveling, onderbroken door korte momenten van schrik. ‘Alsof je zomaar een boek openslaat en op die pagina het citaat vindt dat je zoekt.’

» Hier leest u dit verhaal op Blendle

Toen Gene en Sandy Ralston in maart 2002 na een dag op het Beardsley-stuwmeer in het noorden van Californië terugkwamen bij hun truck, zagen ze dat er handgeschreven briefjes op de deuren en de voorruit waren geplakt: ‘Bel agent Lunney zodra jullie weer in de stad zijn. Het is dringend.’

De Ralstons, een echtpaar afkomstig van het platteland van Idaho, waren beide tot eind jaren tachtig wetenschapper geweest, waarna ze begonnen mee te helpen bij plaatselijke zoek- en reddingsacties. In dat voorjaar van 2002 waren ze als vrijwilliger al bij meer dan vijfentwintig zoekacties naar verdrinkingsslachtoffers betrokken geweest, in de hele VS, en hadden ze een bijna griezelig vermogen ontwikkeld om lichamen te vinden. Ze hadden net Lunney’s politiebureau geholpen bij het vinden van de resten van een man die drieënhalf jaar geleden in het stuwmeer was verdronken, nadat hij bij het vissen met zijn boot overboord was geslagen. Duikers hadden hem die middag boven water gehaald.

Volgens de aanwijzingen op de briefjes reden de Ralstons naar het naburige stadje Sonora voor een ontmoeting met Lunney. Er waren mensen die hun deskundigheid nodig hadden, zei hij, maar hij mocht niet zeggen wie. De volgende morgen werden de Ralstons door FBI-agenten gebrieft over een reeks ontvoeringen voor losgeld die waren geëindigd in moord. De families van vier ontvoeringslachtoffers hadden bij elkaar meer dan 1,2 miljoen dollar overgemaakt naar een rekening in New York, waarvan het geld vervolgens werd doorgesluisd naar een bank in Dubai. Maar nu dacht men dat de lichamen van de slachtoffers op de bodem van een stuwmeer iets ten oosten van het nationaal park Yosemite lagen. De moordenaars, zei de FBI, hadden mogelijk banden met de Russische maffia.

Eerste moordzaak

Voor de Ralstons was dit hun eerste moordzaak. Tot dan toe hadden ze hun gespecialiseerde sonarsysteem alleen gebruikt om op de bodem van meren en rivieren naar slachtoffers van ongelukken en zelfmoord te zoeken. Voordat ze erin toestemden naar deze lichamen te helpen zoeken, belde Gene eerst zijn neef, een gepensioneerde FBI-agent, om hem advies te vragen. ‘Volgens hem was het niet echt iets voor de Russen om mensen te vermoorden,’ zegt Gene tegen mij. ‘Dus we hoefden niet echt bang te zijn dat we problemen met hen zouden krijgen als we met de zoekactie meededen.’

Gene en Sandy zijn een bescheiden stel, maar zeer volhardend in het vaak eentonige werk dat ze doen. Zelf noemen ze het heen en weer slepen van hun sonarapparatuur door het water, terwijl ze met hun boot langzame, elkaar overlappende banen trekken, ‘het gazon maaien’. Een lichaam zakt in water meestal met de borst naar het wateroppervlak gekeerd. Wanneer de voeten de bodem raken, buigen de knieën en draait het lichaam zich op de rug, met de armen uitgestrekt. Dat is de vorm waar de Ralstons meestal naar zoeken met hun sonar. Maar een moordslachtoffer kan er anders uitzien, weten ze. ‘Wij noemen het “verpakt”, vastgebonden en verzwaard met een gewicht,’ zegt Gene.

Het kostte hun twee weken om de vier moordslachtoffers te vinden, die inderdaad, zoals werd vermoed, op de bodem van het New Melones-stuwmeer lagen. ‘Gene en Sandy stonden vroeg op, gingen erop uit en vonden in hun eentje het eerste lichaam,’ vertelt James Davidson, een van de belangrijkste FBI-rechercheurs in deze zaak. ‘Ze waren zeer doortastend.’